Dagboek van een verhuizing – slot

Indiaan_op_deksel 
De oude indiaan stapt van zijn paard af, leidt het naar een stukje weide om te grazen en gaat zelf zitten, met zijn rug leunend tegen een boomstam. Zijn westerse medereizigers, die hij gidst, worden onrustig. Het is nog geen tijd voor pauze, ze willen verder. De Indiaan gebaart dat ze moeten wachten. Hij legt uit: Ik blijf hier wachten op mijn ziel. Mijn lichaam is wel op deze plek, maar mijn ziel heeft het tempo niet bij kunnen houden. Ik wacht hier tot ook zij er is.

Zo heb ik een aantal maanden gewacht op mijn ziel hier in IJsselstein. Maar niet zo rustig als de Indiaan in het verhaal. De verhuizing was ingrijpend en de eerste maanden heb ik eerder ongeduldig en ijsberend rondjes gelopen. Niet dat mijn ziel rondwaarde in Scheveningen, mijn vorige woonplaats. Het leek eerder dat hij opgegaan was in het niets. Vervlogen in de lucht, poef, opgelost in het heelal. Uitdrukkingen als x91je draai niet kunnen vindenx92, x91niet kunnen aardenx92, x91met je ziel onder je arm lopenx92 proberen allemaal iets weer te geven lijkt me, van dat onbestemde, onrustige, onwezenlijke gevoel dat mij bevangt wanneer ik in een nieuwe omgeving belandt ben. Heb ik gerichte bezigheden als uitpakken, slepen met meubels en wat dies meer zij dan gaat het nog wel. Maar dan. Daar zit je dan. Leuk huis. Mooi uitzicht. Leuk stadje. Lekker vrij. Geen druk meer van allerlei afspraken. Ja. Fijn. Dicht bij de kinderen en kleinkinderen, ah, daar ontdek ik iets van die oude ziel! Maar thuis is het nog lang wachten geblazen op miss soul.

Pas nu ik wat genesteld ben realiseer ik me hoe veel energie en kracht het kostte om die eerste maanden door te komen. Ik heb weinig geschreven, veel gezocht naar karweitjes, geworsteld met een unheimisch gevoel dat dreigde om te slaan in depressie en almaar moeten zeggen: het geeft niets, rustig aan, je mag je best vreemd voelen, in opdracht van Ina die me helpt tegenwicht te biden aan die andere,xdcber-strenge ik. Die zegt steeds x91nou, dan heb je eindelijk alle vrijheid, een leuk huis en niks aan je hoofd en dan zit je nog te sikkeneuren, hou daar nou eens mee op!x92 Ik ben best een beetje bang voor die strenge dame die met een zweepje op haar rug loopt en mij dwingt voortdurend flink, vrolijk en efficixebnt te zijn..

Van kinds af aan heb ik verhuizingen, veranderingen, en nieuwe dingen gehaat. Ik ben geen avonturier, geen onderzoeker, en geen ontdekkingsreiziger. Toch brengt het leven me steeds in die positie, van vaak verhuizen, vaak veranderen, veel reizen, en veel mensen ontmoeten. Eigenlijk heb ik daardoor ook geweldig mooie en leuke ervaringen gehad en dat is nog steeds het geval. Het is goed om tot op zekere hoogte buiten je eigen veilige grenzen geduwd te worden om te leren dat de boze buitenwereld ook hele goeie dingen in zich bergt! Maar alles op zijn tijd. Er is een tijd om veiligheid te zoeken en een tijd om er weer op uit te gaan.

Zo heb ik geleerd dat iedere verhuizing nieuwe vrienden oplevert, nieuwe belevenissen en bijdrages aan mijn 'Gouden Boek van Herinneringen' voor later in het bejaardentehuis. Ik durf het weer te geloven.

Mijn ziel is aangeland

Trekken met een caravan

Voor het eerst dit jaar een caravan gehuurd. We hadden enorme zin weer eens te kamperen na vorig jaar in de VS bij familie en vrienden op vakantie te zijn geweest. Het jaar daarvoor hadden we een ingerichte bungalowtent gehuurd in de Dordogne. Erg leuk maar de plaatsing van zulke tenten is nooit helemaal ideaal, dicht op elkaar en je moet accepteren wat je krijgt. Die tent verzetten kan natuurlijk niet.

We hadden het kamperen opgegeven omdat het ons een beetje begon te vervelen iedere keer al die zooi in te pakken. We bezaten een vouwwagen die als hij eenmaal stond een prima ondekomen bood, maar opzetten, afbreken en alles weer inpakken was een klus die ons niet blij maakte. Zwaar genoeg ook om ons ervan te weerhouden te trekken. Ik wasblij als alles een keer op zijn plek stond en dan wilde ik niet meer verkassen. En voor we naar huis moesten was ik al in mijn hoofd al twee dagen bezig met inpakken. Niet fijn.

Maar kamperen vonden we als gezin en ook samen heerlijk. Altijd buiten, back to basics, weinig ruimte, maar ook niks om schoon te houden behalve je zelf en af en toe een wasje. Lekker liederen met water, terwijl het 30 gr. was. Buiten eten, ’s avonds tot laat op en dan in een toch koele tent naar bed, want nergens blijft warmte hangen.

Franse vaardigheden – uit het dagelijks leven.

Ik ben 2 jaar niet in Frankrijk geweest en het is altijd weer even wennen: “de hurk WC” langs de autosnelweg. Wie hoge nood heeft onderweg kan niet kiezen en naarmate je zuidelijker komt nemen de toiletpotten af. Het mag dan hygiënischer zijn om te hurken in de lucht, vergeleken met zitten op een WC bril waar honderden mij zijn voorgegaan, maar ik blijf toch mijn twijfels houden over nut en noodzaak van het verschijnsel. Ook boven een WC bril moet je soms vreemde capriolen uithalen om niet in aanraking te komen met het materiaal, om het zo maar even te noemen, maar alles is net wat meer binnen bereik en onder controle.

Mijn probleem met de hurk WC is, dat ik het hoe dan ook niet droog hou. Met een lange broek is het een vorm van gevorderde acrobatie om de onderkant van je broekspijpen niet te laten zwemmen in het (niet nader te benoemen ) vocht op de vloer. Ik heb daar nu op verzonnen om eerst mijn broekspijpen boven mijn knieëen op te trekken. Ze moeten dan niet al te strak zitten want ik knel mezelf dan af in de bloedtoevoer. Vervolgens was het de eerste paar keer goed nadenken welke kant ik nu ook weer met mijn gezicht en de rest op moest. Bij de tweede WC was een stang aan de muur bevestigd die me deed beseffen de eerste keer verkeerd om gehurkt te hebben. Nu koos ik de juiste richting. De beugel hielp zeker ook bij het in evenwicht blijven. Ik merk aan het in de juiste houding komen dat ik toch wel erg stijf ben geworden in de bovenbenen.

De grootste complicatie vind ik  toch wel om gehurkt, met één hand steunend/hangend aan de beugel, met de andere trachtend schoenen en broek droog te houden, bij het papier te komen wat op een hoogte hangt alsof men hele lange armen heeft. Ik weet zeker dat de Fransen die niet hebben, maar misschien hebben zij een truc die ik nog niet bedacht heb.

Heb ik alles zonder te vallen volbracht dan volgt nog een punt van oplettendheid. Het zg. doortrekken is op een hurk-WC eerder een soort vloerspoeling, harde waterstralen die vanuit vier hoeken de boel opfrissen, maar als je niet oplet vervolgens je met zoveel moeite droog gehouden schoenen en broekspijpen alsnog kletsnat spuiten.

C’est la vie en France

Pech en de ANWB

IMG_5250

IMG_5251 
Mijn partner is aan de telefoon met de ANWB. Geen lange wachttijd, na enkele seconden klinkt de vriendelijke ANWB-stem: x91Wat kan ik voor u doen?x92. Hij legt uit dat onze auto niet wil starten en krijgt de benodigde instructies. Er komt zo spoedig mogelijk een monteur om te helpen. We voelen ons dankbaar en veilig. Er komt straks zo maar iemand om ons uit de brand te redden. Zonder auto is het zwaar om een caravan te trekken. En we zouden toch nog een dag blijven, dus geen probleem. 

Door ervaring wijs geworden hebben we de naam genoteerd van de dame met wie hij gesproken heeft. Na tien minuten bedenkt hij dat het handig is om het nummer van onze campingplaats nog even door te geven. Maakt het zoeken voor de monteur makkelijker. Gebeld en gevraagd naar de desbetreffende dame. Die kent niemand, nooit van gehoord. Typisch. Maar ja, hij zal de naam wel verkeerd verstaan hebben. Wat het probleem is? Dat hadden we allemaal al aan die dame doorgegeven. Men checkt de computer en kan niets vinden. Vreemd. x91Als ik niet gebeld had om nog iets door te geven was er dus niemand komen opdagen?x92, vraagt mijn partner enigszins gexefrriteerd. Nee dus. Er is geen dossier.

Opnieuw gaan alle gegevens over de telefoonlijn. De ANWB- en autogegevens, logisch. Maar dan een eindeloze rij vragen over de caravan. Merk. Nummerplaat. Wat zijn de maten. De maten? Geen flauw idee, het is een huurcaravan. Gejaagd bladeren we door de map met instructies, maar over alles zit er een brochure in, behalve over hoe groot de caravan is. Ik schat maar iets, 2m hoog en 4m lang. Partner geeft het getrouw door. Hoeveel weegt de caravan? Hoeveel die wxe9xe9gt?? Nou ja, sorry maar wat doet dat er in vredesnaam toe? Krijgen we geen hulp als we een te grote caravan trekken of zo? x91Er is niets mis met de caravan, hoorx92, probeert mijn partner vriendelijk. x91Het gaat om de xe1utox92. Hij krijgt een nietszeggend antwoord, begrijp ik. x91Mag ik vragen waarom u dit allemaal wilt weten?x92 dringt hij aan. Aan zijn gezicht zie ik dat er een Hollands antwoord klinkt, zoiets van x91schiet op ik heb het drukx92. Ok, gewicht, nou, natte vinger in de lucht, laten we zeggen: 1200 kilo. Als alle vragen (opnieuw) beantwoord zijn mogen we weer geduld oefenen. Mijn partner vraagt nog wel wie hij gesproken heeft. Je weet maar nooit. We noteren de naam zorgvuldig.

Na 10 minuten gaat de telefoon. Een dame van de ANWB. Wat ons probleem is? Hmmm. Mijn partner legt uit dat zij de 3e dame in een half uur is die hij uit moet leggen wat er is. Zij verzekert hem dat ze de melding uit Holland gekregen heeft en nu vanuit Frankrijk belt. Ze moet het dossier bewaken. Klinkt goed. Nee, er is nog niemand geweest. Mogen we haar naam? We voegen haar toe aan ons lijstje.

Een half uur later gaat opnieuw de telefoon. De monteur die in de regio woont. Wat wij denken dat het probleem is? Tja. De auto start niet. x91Hij gaat wel te keer, maar slaat niet overx92, vertelt mijn partner die het technisch Nederlands niet helemaal beheerst. De monteur woont al langer in het buitenland en begrijpt hem. Wat de oorzaak zou kunnen zijn? Hmm, daarvoor hebben we een monteur nodig. De man begrijpt met volstrekte leken te maken te hebben en zegt dat hij er over een uur of twee hoopt te zijn.

Weer gaat de telefoon. Het gaat niet meer lukken vandaag, het wordt morgen vroeg, is dat ok?  Welja, we hebben geen haast.

De ANWB dame in Frankrijk belt. Is het probleem al opgelost? Oh, morgen? Prima.

En zo waar, x92s ochtends om 8 uur staat de monteur bij de caravan. Ik dacht, straks gaat ie hem nameten of we niet gelogen hebben, maar nee, hij concentreert zich op onze Laguna en krijgt hem zowaar weer aan de praat. Fantastisch. Een uur later opnieuw de ANWB dame van de bewaking. Ja, het probleem is opgelost. Na al deze 
warme belangstelling betalen we ons lidmaatschap weer vrolijk verder.

Dit dossier kan gesloten. Hopelijk.

Wie onlangs mijn blog over geluk gelezen heeft zou een verkeerde indruk gekregen kunnen hebben. Namelijk dat ik, wat ze in het Engels 'pie in the sky' evangelie noemen. In het Nederlands ook wel het 'hier-beneden-is-het-niet' evangelie. Met andere woorden: dit leven is lijden, is een tranendal, maar straks komt alles goed en daardoor hebben we hoop.

Wie die indruk gekregen heeft moet ik teleurstellen of blij maken: dit geloof ik nièt. Zeker niet.

The Apostle – Robert Duvall, regisseur, producer, en acteur.

Gisteren The Apostle gezien op DVD. Wist eigenlijk niet wat te verwachten, maar ben aangenaam verrast. Een indrukwekkende rol van Robert Duvall als de evangelist die niet op kan houden het evangelie te verkondigen, in de stijl van een typisch Amerikaanse zwarte pinksterdominee. Hilarisch en tegelijk, naarmate de film vordert, innemend en confronterend, want het is hem werkelijk ernst. De komische noot hoort bij de sfeer van die kerken. Een goed voorbeeld van de cultureel gebonden beleving van ‘eerbied’. Men danst en springt luidroepend en Godlovend door de zaal heen. De toon van de film is nooit spottend of cynisch. Duvall (producent, schrijver en acteur) laat zien hoe de evangelist Sonny zich helemaal geeft aan het stichten van kerken, maar tegelijk mens is en lijdt aan zijn eigen zwakheden: agressie, geweldadigheid en lust. Vanwege zijn levensstijl, altijd op pad, wil zijn vrouw van hem scheiden, ze heeft een minnaar. De film laat in het midden of er ook geweld is geweest tegen haar. Sonny’s woede leidt tot een geweldadig incident waardoor hij op de vlucht slaat.

In een klein plaatsje in Louisiana sticht hij met veel inspanning en hulp van anderen een kerkje. Daarin is de liefde voelbaar en ontroerend aanwezig. Maar Sonny weet dat hij niet voor altijd op de vlucht kan blijven. Als de politie hem eindelijk op het spoor komt is hij klaar om mee te gaan.

Mijn partner komt oorspronkelijk, na zijn bekering, uit het soort kerk waar hier een portret van gegeven wordt. Knap is dat niets belachelijk wordt gemaakt, terwijl dit op elk moment makkelijk zou kunnen.

Wat is de boodschap van de film? Het is allereerst een portret, een biografie van een fictieve evangelist die model staat voor velen. Verlangen naar de dienst aan God, maar gehinderd worden door eigen menselijke zwakheid. ‘Maar wie vergeeft ons en heeft ons lief? Jezus!’ scanderen de kerkgangers steeds weer door de film heen. Ook Sonny leeft vanuit die vergeving en zelfs in de gevangenis pakt hij zijn ‘beroep’ weer op De aan elkaar geketende gevangenen die langs de weg werken laten zich voorzingen door Sonny: Wie red ons van alle zonden met Zijn bloed? ‘Jezus!’, roepen dan de boeven. En zo gaat het uren door. .: ‘Ik kan mijn mond niet houden’, had Sonny de politie al gewaarschuwd.

Ben jij aardig? Dan ben je vast gelukkig.

Gelukkige mensen zijn aardiger. Dat blijkt uit onderzoek. Ad Bergsma promoveert vandaag aan de Erasmus Universiteit op het onderwerp geluk. Het Nederlands Dagblad weidt er een artikel aan. Een fascinerend onderwerp, vind ik.

Iedereen wil gelukkig zijn, toch? Maar, streven naar geluk kan doorslaan. En dan komt er sores. De verwachtingen kunnen zo hoog gespannen zijn, dat alles in het leven alleen maar tegenvalt.  Belangrijk bij het streven naar geluk is om te accepteren dat er beperkingen blijven, aldus Bergsma.
Dat is moeilijk, want het idee van maakbaarheid is in alle hoeken en gaten van ons bestaan doorgedrongen. Wanneer dingen zich niet voegen naar onze wil is dat voor ons moeilijker te aanvaarden dan voor een inwoner van Bangladesh bijvoorbeeld. Mensen in een arm, onrustig land geven zichzelf een veel lager cijfer voor hun geluksgevoel dan mensen in een welvarende maatschappij. Je kan toch moeilijk zeggen dat je niet gelukkig bent wanneer je alles hebt wat je hart begeert aan eten, drinken en kleding? Zelfmoord cijfers in de ‘gelukkigste’ landen van Europa en de VS liggen o.a. daarom ook iets hoger. Er is geen directe aanleiding om ongelukkig te zijn, dus ligt het aan mijzelf. Ik faal. Iedereen is gelukkig, behalve ik. Ik ben een loser.

Geluk maakt een mens aardiger, volgens Bergsma. Daar kan ik me iets bij voorstellen. Je kunt je niet gelukkig voelen en tegelijk chagrijnig doen tegen anderen.
Sociaal psycholoog Van de Sande vind dat geluk een bijverschijnsel is. Het ontstaat als gevolg van wat anders. Als je het goede doet word je vanzelf gelukkig. Dat is dan nl. de beloning. We doen dus als vanzelf van alles omdat we er gelukkig van worden.

Ik mis in het hele artikel wel een definitie van wat geluk is. Is dat een blij gevoel of een gevoel van voldoening of gewoon, lekker in je vel zitten? Het zal wel een combinatie van alles zijn. Ik zou zelf niet gauw onvoorwaardelijk zeggen: ik ben gelukkig. Er zijn dingen die me blij maken. Mijn gezin bijvoorbeeld. Bij elkaar zijn met vrienden. Zingen in de kerk, soms. En er zijn dingen die me voldoening schenken. Ze zijn moeilijk en ik heb er niet altijd direct zin in, maar ze zijn goed en in overeenstemming met een bepaald levensdoel wat ik me stel. Achteraf zijn ze dan vaak een verrijking.

Er is uit allerlei onderzoek een soort gelukslijstje samen te stellen. Werk, niet geld maakt gelukkig. Het hebben van kinderen maakt niet gelukkiger. Dat snap ik als je geluk als een blij gevoel beschrijft. Nachten wakker, zorgen, ziektes, nooit meer even tijd voor jezelf en noem maar op. En toch. Hoe noem je dan het gevoel wanneer je je kind ziet spelen? Of wanneer je zoon, al is hij al 12, toch nog even tegen je aankruipt? Of wanneer je aan tafel een geanimeerd gesprek hebt met elkaar. Of je kijkt naar zo’n slapend koppie van een moegespeeld kind? Als dat geen geluk is?

Het blijft allemaal wat subjectief. Zolang er geen duidelijke definitie van ‘geluk’ is. Ben je gelukkig wanneer je in een vluchtelingenkamp in Darfur onder miserabele omstandigheden mensen helpt? Ben je gelukkig als je bereid bent te sterven voor vrijheid, zoals nu in het Midden-Oosten. Was Jezus gelukkig op aarde en toen Hij gekruisigd werd? Volgens mij is het trouw volgen van je overtuiging, je keuzes en de minder leuke kanten die daar eventueel bijhoren niet ontlopen, een vorm van geluk. In de Bijbel staat dat Jezus kon doen wat Hij deed omdat Hij erop vertrouwde dat er ‘aan de andere kant’ van de donkere tunnel de beloning lag, onze bevrijding en het weerzien met Zijn Vader. Zo kun je dus tijdelijk ‘ongeluk’ verdragen, wellicht. Om wat er volgt.
Misschien inderdaad wat Van de Sande zegt: gewoon het goede doen en dan volgt het geluk vanzelf.

 

Warm weer

Ik kan niet helemaal vatten wat er aan de hand is met het Nederlandse weer. Twee maanden heeft het niet geregend. Dat is te gek voor woorden. Mooie periodes ken ik, maar nooit langer dan hooguit één, vooruit twee weken. Altijd komt er een einde aan met een fikse onweersbui en een dip in de temperatuur. Ik haal dan meestal opgelucht adem. Heerlijk ruikt het dan buiten. De natuur herstelt zich en dat niet alleen, ook ik herstel.

Ik vind de zon aangenaam, mooi weer fijn, maar na 2 weken wil ik verandering. Ik ben niet gemaakt voor de tropen, waar het weer uit één soort bestaat: heet. Met misschien 1x per jaar  een regenseizoen. Ik wil variatie. Lekkere regenbuien, waarbij ik met een goed excuus op de bank kan blijven zitten met een boek, terwijl de regen tegen de vieze ramen klettert. Of een kast uitmesten. Ik wil stormen en hagelbuien, het liefst natuurlijk wanneer ik er niet op uit hoef. Ik wil dat het af en toe lekker koud is zodat ik m'n pyjama aan kan en wegkruipen onder m'n dekbedje. Ik ben heel simpel, gewoon een Nederlandse vrouw en ik vind dit saaie, warme, droge weer, met alle stof en pollen die het met zich meebrengt, niks.

I pray for rain!

Heimwee

Natuurlijk, het is de zee
die ik zo hevig mis
de zilte lucht en zelfs de zeevlam.
En mijn buurvrouw op de hoek
die ik zo maar even knuffelen kon
en dan weer verder –

Ik haak naar alles van die plaats
de ordi vrouwen en hun vissers
met een overdaad aan goud behangen.
Het zand, (niet op het strand,
maar in ons huis) –
Het kaalgeschuurde hout
van raamkozijn en deur door
al maar weer die westenwind
van zoutig zand

De havenlucht wil ik weer proeven
van vis en teer en scheepsmotoren
en wakker worden, veel te vroeg,
van het gekrijs van duizend meeuwen.

Geef me even weer de Keizerstraat,
het Westbroekpark, de Boulevard
tram negen en het Zwarte Pad,
ik zal niet blijven, maar even, nu,
wil ik Scheveningen proeven op mijn huid.