Middeleeuwse camping

Je kunt er bijna de klok op gelijk zetten. Onze Franse buren en overburen rechts hebben een vast ritme in hun dag. ’s Ochtend redelijk vroeg op, en als wij ontbijten, zo rond half tien, tien uur, zit voor hun de eerste ronde aan bezigheden er al op en is het hoog tijd even bij te kletsen. Heel genoeglijk aan de plastic tafel van buurvrouw, 2 huizen verderop, zit het clubje, middenin in ons straatje bij elkaar. Krantje, verder niks geen drinken of eten. Alleen babbelen. Koffie hebben ze al gehad voor het ontbijt en straks gaat de wijn open bij de lunch.

Na 12en wordt het stil. Doodstil. Men slaapt. Dan trekken wij er meestal op uit (ook wel eerder, hoor). Rond 4 uur horen we de eerste geluiden weer. Het begint wat af te koelen en er steekt meestal een windje op, dus de tafel van moe buurvrouw raakt langzaamaan weer vol. Eerst zitten de vrouwen bij elkaar en babbelen over de avonturen van de afgelopen dag. Het is een vrolijke boel, er wordt heel wat afgelachen. We verstaan er geen klap van. Vooral het Frans van onze enigzins dove overbuurman is onverstaanbaar. Hard genoeg om op de top van de Canigou gehoord te worden praat hij heel wat af in wat waarschijnlijk een Catalaans dialect of tongval is.
Hij is duidelijk de clown van het gezelschap want zo gauw hij zich bij het gezelschap voegt is het lachen geblazen. Om 6 uur gaan de flessen open en wordt het borrelen.
Men eet rond 12 uur ’s middags een zwaar maal (om 11 uur walmt de BBQ)  dus vaak is het genoeg om ’s avonds wat te snacken bij de pastis. Zo rond 10 uur is het bedtijd en wordt er innig afscheid genomen.
Om vervolgens in de vroege ochtend weer elkaar in de armen te vallen. Noaberschap. Vriendschap. Familiebanden. Alles bij en door elkaar. Deze mensen wonen ’s winters in Perpignan en treffen elkaar hier ’s zomers, in huizen die ze waarschijnlijk als erfenis hebben gekregen. Misschien zijn ze hier wel opgegroeid en wonen nu in het huis(je) van vader en moeder zaliger.
Kleinkinderen zwermen in en uit. Op een van de huisjes staat ook: dit is het huis van Marianne en haar kleinkinderen.

Onze overburen links hebben een heel ander patroon. Dat zijn namelijk allemaal buitenlanders. Ons huisje is de laatste in een rij dus wij hebben vrij uitzicht op de Canigou.
De straat loopt verder aan de overkant. Daar wonen ook senioren, maar dan van Engels en Nederlandse komaf. Alleen de eigenaar van onze gite, die zelf een huis aan de overkant heeft is onder de 50. Van deze buren merk je niets. Deze zijn allemaal erg op zichzelf en leven een eigen leven. Eens in de week is er echter een straatborrel geloof ik en dan zie je ook de anderen. Tenslotte heb je elkaar als buurtschap ook nodig bij allerlei zaken. Zoals laatst toen er een rottend schaap in de afvalbak lag en de burgemeester gedwongen werd om uit te zoeken hoe het zat.

Dit straatje is in feite een camping. Het heeft alle kenmerken van de camping ‘met vaste standplaatsen’. Van die sta-caravans waar mensen jaar in jaar uit naar terug keren vanwege de gezelligheid en het dorpse leven. Eenvoudig, altijd buiten met buren in je voortuin, die meestal wel in zijn voor een borreltje of een kaartje leggen.

Ik kan het helemaal begrijpen. Alleen is het zo vervelend dat je hier letterlijk in een middeleeuws straatje zitten. De huizen staan nauwelijks 2 meter van elkaar vandaan
en ieder geluid wordt vertienvoudigd door de stenen muren. Eigenlijk is het komisch. Als ik op ons terrasje zit, op de 1e etage van ons huis, zit ik op ooghoogte met onze Engelse overbuurman, nog geen 2 meter bij me vandaan, die dan achter zijn computer zit of zo. Je kijkt elkaar toevallig in de ogen, knikt wat en daarna heb ik hem daar niet meer gezien.
Onze voordeur opent zowat in het huis van onze overburen die het enige jongere paar vormen. Ze hebben hun huis laten renoveren. En uiteraard is er van alles wat er aan mankeert. In de eerste week van ons verblijf hier stonden er geregeld 8 man of zo in dat huisje om hevig te debatteren over de oorzaken en de oplossingen. Op een morgen kwam de timmerman die de luiken niet goed in de scharnieren had gehangen of zo. Ik had meelij met hem. De hele seniorenclub was aanwezig om hem ter verantwoording te roepen! Hij hield voet bij stuk echter, voor geen kleintje vervaart.

Zo worden we, of we het willen of niet, bij deze kleine leefgemeenschap betrokken, hoewel we uiterlijk niet verder dan bonjour/soir komen of we gooien er nog  een bon appetit tegenaan als er weer eens buiten gegeten wordt. We beginnen heel bewust geen praatje in ons beperkte Frans. Dan is er helemaal geen doorkomen meer aan op weg naar de auto! 

Nu is het niet zo dat er in deze dorpjes alleen maar zomerbewoners zijn. De vallei hier is zeer vruchtbaar en er wordt nog steeds geboerd. Hoofdzakelijk wijngaarden en perzik/nectarine en appelboomgaarden.
De rit naar huis is iedere keer weer schitterend,  met de Canigou in de achtergrond en de prachtige begroeing tegen de berghellingen. 

We bezoeken veel van de oude stadjes, kerken en kloosters. Sommige staan op eenzame hoogtes, zoals St. Martin de Canigou. Hele stijle weg omhoog, uitstekend voor de conditie!

Naar de kerk geweest in Prades. Assemblies of God. Hele kleine kerk een soort evangelisatiepost van de kerk in Perpignan. Fijn er te zijn, gezinnen te zien die echt God willen dienen. er waren ook een aantal Franse toeristen. iedereen moest zich voorstellen en vertellen waar ze vandaan kwamen. Preek over een zijn als kerk. Zag opeens het beeld van de levende stenen van Petrus helderder.
Overal hier zie je oude stenen muren gemaakt uit gestapelde grote ronde keien die echter in balans worden gehouden door kleine steentjes. Zo krijg je stevige muren die het (blijkbaar) duizenden jaren uithouden. Haal je de kleine steentjes weg dan stort de muur in elkaar!

internetcafé gevonden, maar geen uitroepteken…

<!– @page { size: 21cm 29.7cm; margin: 2cm } P { margin-bottom: 0.21cm } –>

    Internet cafè gevonden, PC met Frans toetsenbord, helemaal geweldig…. Ik kan niet blind typen maar ben inmiddels zo gewend geraakt aan mijn eigen toetsenbord dat dit een heel geworstel is. En nergens een uitroepteken…Ik dacht dat de Fransen uitbundig waren.

    We zijn in Prades, klein stadje in Zuid-Frankrijk in de Oostelijke Pyreneéen. Van hier is het anderhalf uur naar Spanje door de bergen, een uurtje naar de Middellandse Zee met heerlijke stranden en de natuur is prachtig. Ons vakantie huisje is in een oud stadje, Estohar, wat dichter naar de zee, maar hoger in de bergen. Ideaal vakantieoord.

We zijn via Barcelona hierbinnengevlogen op een goedkope ticket wat aan de afhandeling goed temerken was. Ik heb nog nooit zoveel moeite hoeven doen voor mijnbagage als op het vliegveld van B. Daarnaast was aanvankelijk dehuurauto, geregeld via dezelfde maatschappij, onvindbaar. We werdengenoodzaakt alle mogelijke autoverhuurloketten af te gaan om tevragen of ze misschien een Batteau op de lijst hadden staan. Bij deduurste, Herz, die we als laatste hadden bewaard, bleek hetbingo…..pfffff.

Dagje Barcelona gedaan. NatuurlijkGaudi en de Ramblas. Ons hotel had een fantastische lokatie in eenzijstraatje vqn de Ramblas. Wel was het heet en erg druk dus zonderspijt reden we de volgende dag richting Frankrijk.

Ons vakantieverblijf is een verhaalapart, daar ga ik meer over schrijven. Het is van binnen erg leuk ensmaakvol, van alle gemakken voorzien. De lokatie is echter nogalcurieus: een soort middeleeuwse camping.

We hebben al hele mooie wandelingengemaakt in de omgeving, waar je werkelijk van alles kunt.Bergklimmen, langs rivieren lopen, door de wijngaarden, door degroene uitlopers van de Canigou, een bergmassief dat 2750 m hoog isop de top. Geen spectaculair hoge bergen dus, daarvoor moet je verdernaar het westen.

Ik merk dat het lopen me goed doet.Mijn te hoge suikermetingen zijn al een stuk beter, dat moedigt aanom door te gaan met lichamelijke inspanning. Ik voel de suikerzakken, om het populair te zeggen.

wordt vervolgd

nog een maal PR

Als afscheid van de reis nog eenmaal de foto van wat overgrootmoeder Gome van Kim blijkt te zijn met de oudere zus van grootmoeder Carmen.
Voorouders_matos_4

 

Rond 1920 vertrok Carmen naar Amerika en voor zover wij weten heeft ze haar ouders en broer en zus daarna nooit meer gezien. In de VS had ze wel contact met wat neven en nichten.

Zo gaat het met de liefde….

Gelukkig voor haar kreeg ze 6 kleinkinderen die veel bij opa en oma logeerden en aan wie ze veel liefde kwijt kon, ook al deden ze in haar ogen wel erg wilde dingen. Lang haar, rockbandjes, school niet afmaken, kortom de 60er jaren brachten een soort mens voort die zij en John niet konden plaatsen. Ze bleven dus ook hevig hun best doen iedereen toch maar in het gareel te krijgen. Grandpa John droeg altijd een sollicitatieformulier in z’n binnenzak voor het postkantoor waar hij werkte en waar hij zo op hoopte dat z’n kleinzoons ook een zekere toekomst tegemoet zouden gaan, inclusief pensioen. Maar, hoe hij soms ook mopperde op de wilde haren, als een van de kleinzoons optrad in New York zat hij, met hoed, op de voorste rij!
True love…

Ik heb nu foto’s geplaatst bij de verschillende berichten, foto’s diebij aanklikken vergroten. De vorige serie was niet juist geplaatst. Duskijk vooral nog even want er zitten hele leuke bij!

de laatste avond en toen vertrokken ze een voor een

Gisteravond laat zijn we met z’n allen nog wezen eten in een perfecte lokatie voor een grote groep als die van ons. Aan het strand, een redelijk chique restaurant, met open houten ramen naar de zeekant. Alles tropische stijl. Zoals de strandtenten in Scheveningen, maar dan met het weer dat erbij hoort! Het was een bonte avond. Iedereen heeeft gezongen, we hebben met elkaar gezongen, enorm gelachen om niks en om alles. Robin,de een na oudste broer had zich de dag ervoor bij het gezelschap gevoegd, dus we waren nu compleet op Brook na, de jongste broer. Die hebben we gebeld en zijn voicemail ingesproken, alle 15 een woordje. Hopelijk het goeie nummer! De ober had er gelukkig plezier in en de weinige gasten die er waren vertrokken vrij snel. We hadden daardoor min of meer het rijk alleen.

Puerto_rico_153Puerto_rico_154Puerto_rico_155Als laatste grote familiedaad heeft Kim de Harvard poloshirts uitgedeeld die hij maanden geleden al voor deze gelegenheid had aangeschaft. 20 had hij er van besteld in alle mogelijke maten voor ladies en gents. Niet iedereeen heeft op Harvard gezeten, maar Dad Batteau was er professor. Kim wilde hem op deze wijze  ook betrekken bij het samenzijn en dus had hij dit bedacht. Niet te zwaar, niet al te nadrukkelijk, maar even zo goed: zonder hem was dit ook allemaal niet mogelijk geweest!   

Vandaag is uitzwaai-dag. De meeste Batteaus zijn onderweg in de lucht richting hunPuerto_rico_156 verschillende homes. Nog over zijn de grandparents, drie kleinkinderen, et moi. Wij vertrekken morgen. Vanmorgen nog heerlijk gezwommen en in de schaduw opgedroogd. Resultaat: ik ben toch nog verbrand! De enige keer dat ik kort, zonder sunblock buiten was…De zon is geweldig sterk, gecombineerd met de zeewind werkelijk een killer. (van jezelf een foto maken geeft niet het meest charmante resultaat..:))

Puerto_rico_159Puerto_rico_158Puerto_rico_111Vanavond deel ik mijn kamer met dochter Saskia. Zij vliegt morgen door naar Boston en dan verder met de Greyhoundbus naar Montreal, waar ze l’Abri  vriendin Jenny gaat zien. Zoon Lukas en vriendin Ravinia zijn vertrokken naar Washington om bij de bruiloft aanwezig te zijn van vriend Richard. Lukas is ‘best man’,maar heeft nog geen idee van wat dit inhoudt.

de mis

Vanmorgen met een groepje van de familie naar een Engelse katholieke dienst. Mooie preek! Hemelvaart laat ons eenzaam achter? Uitdaging om over eenzaamheid na te denken. Jezus laat ons niet als wezen achter. Lonelyness versus solitude,  hostility versus hospitality, illusion versus prayer. Jezus zal met Pinksteren Zijn grootste geschenk geven, Zichzelf in de Heilige Geest Die al het laatste mogelijk maakt: met Hem is er geen eenzaamheid geen vijandschap,geen illusie. Werkelijk Gezelschap ten alle tijden in ons levenshuis, waar gebed het contact met God, de rode draad vormt.

Saskia herkende thema’s van Henri Nouwen, een (in 90er jaren gestorven) katholieke priester, die een aantal heel lezenswaardige boeken heeft geschreven over leven met God.

Puerto_rico_102Yani en (tante) Titia werden gevraagd een schriftlezing te doen. En als gasten was een ‘bellchoir’ aanwezig. Puerto_rico_100

Nog meer wortels, nu in Utuado

Stel je voor, 14 mensen en drie auto’s. Iedereen heeft uitgesproken gedachtes over waar we heen moeten, hoe we moeten rijden, hoe hard er gereden moet worden en er moet altijd iemand naar de WC, net als je denkt dat we nu eindelijk kunnen vertrekken.

Familiebijeenkomsten zijn een ware test voor hoeveel krediet we elkaar gunnen. Soms wordt er een foto genomen van ‘iedereen’ en komt er, net als de enigzins verbouwereerde voorbijganger die de foto maakte, vertrokken is, iemand verongelijkt aan gelopen: ‘waar waren jullie opeens allemaal???’ Oeps, toch niet iedereen op de foto. We durven niet eens te zeggen dat we dachten dat we compleet waren. We maken gewoon nog een foto. Wildvreemde mensen krijgen opeens een camera in hun handen geduwd met in steenkool Spaans het verzoek de groep op de foto te zetten. In San Juan, aan de noordkust,waar ons Guesthouse staat, spreken veel mensen Engels maar in het binnenland waar we nu al een paar keer geweest zijn is Engels een echte vreemde taal. We zijn dan wel op Amerikaans grondgebied, maar dat betekent niet dat er Engels gesproken wordt. De mensen zijn overigens allervriendelijkst en behulpzaam.

Vandaag een lange tocht door de bergen naar de geboorteplaats van (bet)(over)(groot)vader Fausto Matos, die zich in Amerika John liet noemen. Opnieuw prachtige tocht door weelderig begroeide landschappen. Indrukwekkende bamboebossen, overal alles smaragd groen vanwege de vele regen en de warme temperaturen. Nu weet ik wat een tropische begroeiing betekent.

We hebben opnieuw de kathedraal bezocht in het stadje, maar vonden helaas de pastoor en de secretaresse gevlogen. Het was dan ook zaterdag. Veel wijzer zijn we daar niet geworden, behalve dat we de belofte kregen, telefonisch, dat we de informatie per mail toegestuurd zouden krijgen. Iets minder spectaculair dan twee dagen geleden toen we de naam van Carmen met eigen ogen zagen in de oude registers van de kerk.

Een van de broers van Kim had het lumineuze idee naar de politie te gaan. Gewoon vragen of er nog families Matos in het stadje wonen. En warempel, de politievrouw wees ons de weg naar het huis van een gepensioneerde politieman die Matos heette. Z’n vrouw zat niets vermoedend op de open galerij. Mijn schoonmoeder, die ook nergens voor terugdeinst, sprak haar aan (Blanca spreekt vloeiend Spaans)en vroeg of haar man misschien thuis was. Ze legde de situatie uit en ja hoor, gastvrij als de Puerto Ricanen zijn, we werden allemaal binnen gevraagd. Het bleef stromen voor we allemaal met z’n veertienen daar zaten. Na een poosje verscheen de heer Matos. Zijn vader die alles van de Matos achtergrond wist, was helaas het jaar daarvoor overleden. Maar hij wist heel goed dat de Matossen uit de directe omgeving van het stadje kwamen. Om de stad heen lagen de hacienda’s, de boerderijen en de bananenplantages en dat was waar de meesten vandaan kwamen.

We zijn later nog de bergen in gereden om een idee te hebben van hoe het er daar uit zag.
Veel was niet veranderd in 100 jaar. Inmiddels is me ook duidelijk waarom Juan zo ver van zijn eigen stad Carmen ontmoette. Hij was soldaat in het Amerikaanse leger tijdens de 1e WO, gelegerd in Panama en met verlof thuis. Met z’n maten trok hij rond om in elke grotere stad de meisjes ‘uit te proberen’. Het stelde in die tijd niet veel meer voor dan kijken, maar goed.

Als sluitstuk van de dag zijn we op een nederzetting geweest van de authentieke bevolking van Puerto Rico. Tot de Spanjaarden bezit namen van het eiland leefden er Indianenstammen, de Tainos. De nederzetting die wij bezochten was een campground waar wedstrijden in een soort balspel (een combinatie van volley en basketbal) werden gespeeld tussen de verschillende clans van het eiland en waar ook religieuze rituelen plaatsvonden.

Nadat de Spanjaarden kwamen in de 15e eeuw, is de Indiaanse bevolking vrijwel uitgeroeid en de overblijvenden hebben zich min of meer vermengd met vooral de boerenbevolking. Veel gebruiken en tradities, vooral ook de muziek, zijn daarom nog wel traceerbaar. De overgrootmoeder van mijn schoonmoeder had duidelijk Indiaans bloed, aan haar uiterlijk te zien. De hoge jukbeenderen, de ietwat schuine ogen. Ik heb een oude foto op onze slaapkamer hangen. Nu kan ik die trekken in dat prachtige, sepia gekleurde vrouwengezicht plaatsen.

Roots in Cidra

Puerto_rico_091We hebben het gevonden! In het prachtige handschrift van de 19e eeuw waarmee de kerkelijke en burgelijke secretarissen de namen en data schreven van geboortes, doop en huwelijk. Haar naam stond in het geboorteregister van de kathedraal van Cidra: Carmen Montserrate Riviera Zayas, geboren in 1899, gedoopt op haar vijfde (heel ongewoon!) in 1904. De Puerto Ricaanse (bet)(over)(groot)moeder van de familie. Haar jongste nazaat is onze kleinzoon Kris. Wie rekent even snel uit hoeveel Puerto Ricaans bloed hij nog heeft? Naast Grieks en Nederlands. (inmiddels uitgerekend, 1/8e deel)

Puerto_rico_097Puerto_rico_094Begrijpelijkerwijs, voor wie mijn schoonmoeder kent, was Blanca in tranen bij het zien van die namen. Haar moeder. De rest van de familie was zeer onder de indruk. Opeens is het echt. Al die magische verhalen over het tropische eiland waar hun wortels liggen. Geen sprookje, geen sterk verhaal, maar hier is het dus werkelijk begonnen.

In Cidra liep de mooie blonde Carmen, dochter uit de gegoede familie Riviera Zayas op het plein voor de kathedraal Puerto_rico_086te flaneren met haar vriendinnen en de chaperone. Ergens vanuit de jongenskant van het flaneergebeuren staarden twee ogen in haar richting.Puerto_rico_087 Een zwaar verliefde jongen van het platteland waar hij op een bananenplantage werkte, had maar een wens: haar als vrouw hebben. Juan Matos liet zich niets in de weg leggen. Hij is haar gevolgd naar New York waar ze heen gestuurd werd voor haar opleiding (en weg van hem).  Hij schreef zelf een brief met daarin een nagemaakte handtekening van de vader van Carmen met toestemming om met haar te trouwen (zo gaat het verhaal) en forceerde daarmee een breuk in de familie die nooit meer hersteld werd. Carmen viel voor zijn charmes en moest leven met de afkeuring van haar broer en ouders.  Ze zijn nooit meer terug geweest op hun eiland. Ze kregen in New York twee kinderen, Woody en Blanca.  Juan is een echte Latijnse man: driftig, dominant, en charming. De kinderen hebben geen makkelijke jeugd, maar de kleinkinderen worden met veel liefde en toewijding behandeld. Streng maar rechtvaardig en heel betrokken. Kim heeft hele goede herinneringen aan grandma en grandpa tijdens de zomermaanden als hij daar met broer Robin weken bij hen logeerde.

Puerto_rico_088Puerto_rico_089In Cidra kwam er dus voor iedereen iets naar boven aan herinneringen en gedachten. Ik heb de grootouders ook gekend en vond het heel bijzonder bij die hele lawaaierige, half Spaanse familie met hun emoties en eigenaardigheden en felle karakters te horen. Daar sta ik als nuchtere (?) niet-exotische, blonde (nog net..), lange vrouw met alleen maar wat Duits bloed in haar aderen. 

Lukas en Saskia hebben de greatgrandparents wel ontmoet maar hebben er geen herinneringen aan. Voor hen was het een beetje een ver-van-mijn-bed-show. Maar toch! 25% van dat Puerto Ricaanse bloed stroomt nog door hun aderen. Gemengd met dat Franse, Nederlandse en Duitse een heftige cocktail zou je denken….

Het eiland

Puertoricog_2

 

Puerto Rico is een prachtig eiland, paradijselijk op sommige plekken met de gebruikelijke inbreuk van de zondeval in de vorm van armoede, krottenwijken (wel allemaal in fondantkleurtjes) en meer van dat soort ellende. Maar de tropische begroeiing de uitbundig bloeiende bomen, struiken en planten, de oceaan en het zonlicht zijn werkelijk fantastisch. Het is warm, heel warm, maar door de zeewind toch dragelijk. Tegelijkertijd regent het ook regelmatig. En niet zo’n beetje ook, stortbuien! Daarom is alles zo mooi groen en weelderig. Kokosnoten-, mango-, bananen-, papayabomen, meters en metershoge palmen, fonteinen van bougainville in paars en zalm, bomen met allerlei soorten gele-, oranje- en rode kelkbloemen. Een lust voor mijn oog!! (Wie meer wil zien klik op de link  ‘het eiland’ boven dit stukje))

Puerto_rico_014

Puerto_rico_016Puerto_rico_033Landschap_prAndalucia, ons guesthouse, is in San Juan, een stad aan de noordkust van het eiland. Van noord naar zuid is ongeveer 2 uur rijden. In het midden van het eiland ligt een bergketen, verrassend stijl.

San Juan heeft een oude stad met prachtige koloniale huizen, geschilderd in de meest felle kleuren die je bedenken kunt. Rood, groen, babyblauw, okergeel enz. Er staat een groot fort gebouwd door de Spanjaarden die eeuwenlang het eiland in bezit hadden. Sinds de 19e eeuw is het Amerikaans grondgebied. Geen kolonie, maar in een soort Gemenebest. Men heeft geen stemrecht op statenniveau, maar betaalt ook geen staatsbelastingen.

Welaan, het is tijd om me weer bij de familie te voegen die al sinds de vroege ochtend aan het blah-blahen is. Er is een kleine lobby waar we elkaar treffen in wisselende samenstellingen. Al twee keer zijn we gemaand wat rustiger te doen, want (je wilt er niet over nadenken wat het voor de stakkerds betekent) er zijn ook nog andere gasten hier….

De plaatjes laten nog even op zich wachten. De techniek is er nog niet helemaal op berekend.

de reis overleefd en nu de hitte

Anderhalve dag op weg, drie vluchten, drie vliegvelden, shuttles, metro’s, treinen, we moesten er wel wat voor over hebben om op dit tropisch eiland te komen! Puerto Rico, here we are! Het Guesthouse Andalucia is idyllisch, iedereen is vol lof over Kim’s surf talenten op internet. Hij had gezocht naar strand, niet toeristisch, niet te duur, wel comfortabel, met airco en nog van dat soort eigenschappen. Ze zijn er allemaal, de goeie dingen. Het is klein ook nog, dus heel persoonlijk! Twee mannen, partners, een van Puerto Rico en een uit Hongkong runnen het pensionnetje. De kamers hebben keukenblokken en koelkast, dus we kunnen ook onze eigen sandwich of maaltijd klaarmaken. Saves money!

We hebben nog niet zoveel gezien, komt nog. Wel heerlijk gezwommen in de zee met hoge golven, heerlijk!

De reis was wel vermoeiend. Ik reisde samen met jongste dochter Saskia en dat maakte het gezellig maar we hebben ook heerlijk gebekvecht over van alles en nog wat. Dat kan in een goed huwelijk…

Uiteraard zijn we een aantal dingen onderweg kwijtgeraakt. Dochter heeft een Engelse kennis die tijdens onze stop-over in Londen even kwam buurten. Als hij niet naar het vliegveld was gekomen om ons te zien dan was ik nu mijn rugzak kwijt. De goeie jongen is terug gerend naar de shuttletrein waarin ik de tas had laten staan en op de een of andere manier van de politie terug gekregen….Rugzakken zonder eigenaar in een trein zijn nogal verdacht tegenwoordig!

We hebben een prachtige auto gehuurd voor 8 personen, dus we gaan er op uit!

herftskleuren in de zomer

Vandaag ben ik weer bevestigd in mijn overtuiging dat God de grootste Kunstenaar ter wereld is en al het andere slechts een afgeleide. De herfstkleuren hier zijn 1 grote jubelzang van goud,  fel oranje en dieprood. De bossen afgezet tegen een felblauwe lucht, langs de kust van de Atlantische Oceaan die zich glinsterend uitstrekt onder een stralende zon. Kan het nog mooier? Voor mij niet. Vooral niet als het oktober is en het eigenlijk miezerig koud weer hoort te zijn. De temperatuur bereikte vandaag een record van 27 graden!!

We maakten een tocht naar Rockport, ten noordwesten van Boston, aan de kust. Slingerende weg, door bossen en villawijken met af en toe uitzicht op de zee. Kim’s moeder was mee en genoot. In haar roze out-fit (roze fleecevest en roze baret) zat ze als een koningin voor in de auto, helemaal blij een dagje uit te zijn met haar zoon die wel ver weg woont, maar die ze waarschijnlijk vaker en langer ziet dan haar andere zoons. Als wij er zijn komt iedereen weer bij elkaar. Zaterdag was Brook er, Kim’s jongste broer en Yani, Brooks tweelingzus. Die twee haden elkaar sinds februari niet meer gezien.

Vanavond zijn we, opnieuw met Kim’s moeder, naar de film geweest. Heftige film die zich in Boston afspeelt. ‘ Gone, baby Gone’ , over de dilemma’s waar politieagenten voor komen te staan wanneer kinderen slachtoffer zijn van ‘slechte’ ouders. Kun je voor eigen rechter spelen? Hele spannende plot, maar niet zo geweldig geacteerd door de hoofdpersoon, Casey Affleck, het jongere broertje van. Ik kon (zonder ondertiteling) hem slecht verstaan. Later hoorde ik van Kim dat hij dezelfde moeite had. Ook het taalgebruik is ongelooflijk grof. Ben benieuwd hoe dat vertaald wordt in het Nederlands. Vijf keer ‘fuck’ in een zin van 3 woorden en dat de hele film door + de nodige aantal vloeken is nogal extreem….Maar goed. De morele dilemma’s waar mensen die in de wereld van misdaad en hulpverlening werken tegen aanlopen vond ik toch wel goed en overtuigend neergezet.

Morgen gaan we ons verdiepen in de digitale camera en een laptop. Zien of we een goeie deal kunnen vinden. Met de euro nu op bijna $1.45 moet dat toch wel lukken, lijkt me.

M’n schoonvader heeft bijna een fulltime baan aan al z’n bestuursfuncties. Hij zit in 4 besturen en geeft ook nog een krantje uit. Hij wordt in december 80, maar is van ’s ochtends vroeg af aan de hele dag in de weer. Het is wel gezond maar ik vraag me af of het niet wat te veel is. Hij heeft de hele week geen tijd om mee te gaan op uitjes, behalve donderdagavond, dan hebben we kaartjes voor een concert. In het hele huis liggen overal stapels en stapels mappen met documenten. De hele eettafel ligt vol, dus we kunnen er niet aan eten. Nou ja, zolang de hersenen het allemaal aan kunnen en hij gezond is, is het misschien wel beter zo. Het geeft ook veel voldoening.