Zomaar wat vragen bij Darwin’s theorie van evolutie

Evolutie, in de zin van ontwikkeling vanuit niets (Big Bang?) tot iets, van simpel tot gecompliceerd, van onpersoonlijk tot persoonlijk is wereldwijd de meest geaccepteerde verklaring van de natuurlijke werkelijkheid om ons heen.

Ik geef hier wat dingen door die daar vragen bij stellen. Al die schoonheid van kunst, muziek, dieren en plantenwereld vanuit een onpersoonlijk toevallig begin?

Liefde, opoffering, caritas als overlevingsstrategie? Dood, lijden, pijn, als iets dat er gewoon bij hoort? Leven zonder een diepere betekenis van opdracht of taak?
Het gaat er bij mij niet in. Ik heb meer geloof nodig om dat te accepteren dan in de verklaring die de bijbel geeft van een Schepper Die Als grote Kunstenaar dit allemaal bedacht en mijn leven vult met schoonheid om van te genieten en lijden toelaat met een doel dat mij nu (meestal) nog ontgaat maar nooit buiten Zijn liefde om gaat.
   Een citaat van Timothy Keller, denker en predikant in New York:
The Church needs artists because without art we cannot reach the world, meer
   En een video (20min) in het Engels gemaakt door geneticist
Over de schoonheid en ordening in de natuur die niet alleen te verklaren valt vanuit het ‘utiliteitsdenken’, veranderingen moeten ‘nut’ hebben. (Even doorbijten wat betreft de enigszins theatrale stem..) prachtige beelden!

Oost en West

Het was Pasen. Afgelopen zondag hebben we het gevierd. Met een mooie kerkdienst in de Ankergemeente in Nieuwegein. Veel gezongen, ge-paas-jubeld, zeg maar. Het viel me op hoe ‘erbij’ ik was dit jaar.  Zoveel lange jaren ben ik depressief geweest tijdens feestdagen. Dan waren de diensten moeilijk. In je hoofd wéten dat er echt reden tot blijdschap is. Het feit van de Verlossing in Jezus is immers niet emotie alleen. Maar niet mee kunnen ervaren en alleen maar die grote afstand voelen. Dat dikke glas waarachter je wel alles ziet maar niet meemaakt. Voortdurend het gevecht aangaan met die rotstemming die slechts dat overweldigende gevoel van zinloosheid aan je opdringt. Wat was ik dan blij wanneer de maandag weer aanbrak. Gewoon doen. Mijn gangetje gaan. Geen grote ervaringen hoeven meemaken en eraan herinnerd worden dat je langs de zijlijn staat.

Ik zal nooit een aanbidder worden die zichzelf helemaal vergeten kan. Dat is mijn persoonlijkheid. Ik ben een denker en hou altijd wel iets achter. Toch heb ik dit jaar heerlijk gezongen en met plezier de preek aangehoord. Een fijne dienst ervaren. De stem van Jezus gehoord die tegen een diep verdrietige Maria zei: Maria! En ze herkende Hem! Opgestane Heer, maar nog even dichtbij en betrokken op het leven van Zijn volgelingen. ‘Waarom huil je?’,wil Hij van Maria (van Magdala) weten. Geen hemelse stem, geen bazuingeschal van een afstand, maar een betrokken stem van haar geliefde Meester. Die vraag van Jezus (als het ware ook aan mij gesteld…) heeft me door menige zwarte dagen heen getrokken. Als ik nu vrolijk in de dienst zit, kan ik niet vergeten hoe er anderen nu met een brok in de keel zitten, gekweld door verdriet, verlies of moeilijke levensomstandigheden. Jezus staat naast je. Hij is door lijden en dood gekropen en heeft de andere kant bereikt. Er is Hoop.

’s Middags reden we richting Utrecht, om het Paasfeest te vieren met een maaltijd. Een Griekse. De schoonvader van een van onze dochters was Grieks (hij is helaas overleden) en zijn vrouw, zelf Nederlandse, heeft altijd de Griekse tradities betracht bij feestdagen. Het Paasfeest van de Grieks-orthodoxe kerk valt niet altijd samen met ons paasfeest. Maar dit jaar wel. We aten dus lamsvlees, rood gekleurde eieren, rood voor het bloed van Christus, salades en paasbrood en wensten elkaar ‘Christos anasté, Christus is opgestaan!’ Zo’n mooie gewoonte! Ook in Korea waar we een aantal jaren woonden was dat gebruikelijk met Pasen. Bij de kerk werd je begroet door de diaconessen die in witte Koreaanse dracht gekleed waren en ons de paasgroet brachten: Jezus is opgestaan! We antwoordden met: Hallelujah! Mooi.

 

Ik lijk wel weer zwanger

Ik zal jullie uit de droom helpen. Ik ben niet zwanger én mijn uitroep is positief bedoeld. Er zijn blogs en columns van vrouwen die hun overgangskwalen (tot die categorie behoor ik nog ongeveer) vergelijken met die van de zwangerschappen. Ik ga  dat niet doen. Mijn rusteloze benen tijdens zwangerschappen waren een ware bezoeking (ik heb nog nooit zoveel gebreid en getutterd als in die periodes, aangezien ik niet stil kon zitten). Maar mijn zwangerschappen heb ik altijd zeer welkom geheten en waren vervuld van een plezierige, spanningsvolle verwachting. Zo makkelijk raakte ik niet zwanger, dus de kwaaltjes nam ik op de koop toe.

En die blije spanningsvolle verwachting in het nog echoloze tijdperk, daarover wil ik het hebben. Ik heb namelijk weer plantjes gezaaid. Ja, van de AH moestuintjes, maar ook van ‘me eiguh’. En vooral dat laatste is spannend! Gaan ze het doen?! Ik heb geen keurige administratie van wanneer ik welk zaadje gekocht heb…de zakjes zijn meestal ettelijke malen open en dicht geweest, liggen in een bakje in een doos in de schuur en soms is de naam van het zaad verdwenen. Ik besloot in het kader van de anti-verspilling gewoon een zooitje te zaaien. Komen ze op, dan komen ze op en zal ik met liefde voor ze zorgen. Ook heb ik zaadjes uit Griekenland meegenomen een paar jaar geleden. Dit is mijn tweede poging ze op te kweken. Jullie snappen hoe mijn hart klopt. Ga ik Griekse bloemen krijgen, ja of nee? Ook een eerste keer: tomaten zaaien van verse tomaatjes. Beetje goed soort gekocht, lekkere zoete trostomaatjes en van die snoepjes het zaad in mijn mini-kasje gedeponeerd. Ik verheug me op de oogst. Je moet optimistisch blijven.

Als de zon schijnt en de temperatuur is lenteachtig dan maakt er zich iets koortsachtig van me meester. Een drang om werkelijk van alles te doen, in en om het huis. Het is waarschijnlijk dat oude oergevoel van De Grote Schoonmaak van vroeger. Die werd bij ons thuis wel gehouden, van kamer tot kamer werd het huis binnenstebuiten gekeerd. Het verschijnsel verdween met de kolenkachels, maar iets ervan zit in ons DNA. Echtgenoot kan ervan getuigen, veel van mijn lentekriebels moet hij ten uitvoer brengen.

Na de naar binnen gekeerde wintermaanden is de lente steeds weer  een nieuw begin, om het niet geheel origineel te zeggen. Maar ik kan het niet beter. Ik begraaf de grauwe, grijze maanden met de kale, bruin gekleurde tuin. En verwelkom feestelijk het verse groen, de jonge blaadjes, de eerste bloemen, de lentezon.  Kan er trouwens een juister seizoen voor Pasen zijn? Na de winter van Goede Vrijdag, de verrassing van het eerste bloeiende, gezaaide Zaad!

Ferdinand Bol – Jezus die als tuinier aan Maria verschijnt

De Heer is opgestaan! Vrolijk Pasen!

 

Een aanraking en een afscheid – voorlopig

Ik ben op heel wat begrafenissen geweest en heb veel gestorven mensen gezien. Dit mede door het beroep van echtgenoot, die predikant is. Iedere gestorvene is anders. Sommigen zijn nauwelijks herkenbaar, niet alleen door een lang en moeilijk ziekbed of door groot gewichtsverlies. Het is moeilijk te omschrijven waarom sommigen werkelijk niet anders lijken dan wassen beelden en anderen meer van zichzelf behouden. De dood is altijd onmiskenbaar. De ziel is weg. De persoon is niet meer. En toch. Bij mijn moeder was alle angst en verwarring weg geveegd, door een onzichtbare hand. Ze leek weer op de vrouw die ik me herinnerde van vóór de Alzheimer.

Gisteren nam ik afscheid van een jonge man(42). Een boom van een kerel, neergeveld in de bloei van zijn leven door de razende storm van een hersentumor. Dat wist ik. Ik had meegeleefd met zijn vrouw die er verslag van deed, van de behandelingen, de operaties, de hoop, de teleurstelling en uiteindelijk de mededeling van de artsen: er is geen behandeling meer mogelijk. Wat een strijd, wat een verdriet en frustratie. Zo midden in het leven, waar je intens van geniet, iedereen en alles waar je van houdt te moeten achterlaten.

Ik keek in de kist en zag een slapende man, zo leek het. Het hoofd iets naar rechts gebogen, een lichte glimlach om de lippen, ontspannen op de rug. Handen gevouwen op zijn buik. In zijn handen een speldje en om zijn nek een das, met vetvlekken, van zijn geliefde studentendispuut. Wat maakte deze man zo ontspannen om te zien? Na zo’n gevecht? Nooit eerder zag ik iemand zo vredig liggen. Terwijl je juist hier anders verwachtte.

Tijdens de samenkomst waarin we zijn leven herdachten en het verdriet deelden werden me een aantal dingen duidelijker. Deze man, (die ik persoonlijk niet zo goed kende, wel zijn vrouw) bleek een bijzonder leven achter de rug te hebben. Een moeilijk leven vanuit mijn standpunt gezien. Geboren met een hartafwijking, altijd voorzichtig en rustig aan moeten doen, als tiener een levensparende operatie ondergaan en door dat alles toch niet terneergeslagen. Een man met een luide, duidelijke aanwezigheid. Kritisch, sceptisch maar tegelijk een levensgenieter. Vriendelijk en belangstellend. Intelligent, jurist met grote bekwaamheid, volgens een van de collega’s die sprak. Opgegroeid in een christelijk gezin was geloven uiteindelijk lastig. Zijn kritische geest verhinderde hem te vertrouwen ‘als een kind’.

Ik geloof niet dat dat ‘kinderlijke’ betekent dat het verstand wordt uitgeschakeld. Maar een bepaalde manier van redeneren kan het geloof in het bestaan van de God van de bijbel bemoeilijken. Hoe dan ook, voor hem veranderde na de laatste operatie iets wezenlijks. Hij werd wakker uit de narcose en zei: ik geloof dat God bestaat! In de laatste maanden en weken werd dat geloof hem tot grote steun. Het lijden was zwaar, het afscheid nemen van zijn vrouw, familie en vrienden hartverscheurend. Maar het laatste lied wat aan zijn sterfbed gezongen werd was ‘Ga met God en Hij zal met je zijn’ (liedboek 416). Voor hem was het nu zeker, God zal mijn leven sparen door de dood heen en straks zal ik mijn geliefden weer mogen begroeten, als Jezus terugkomt.

Ga met God en Hij zal met je zijn,
jou nabij op al je wegen
met zijn raad en troost en zegen.
Ga met God en Hij zal met je zijn.

Ga met God en Hij zal met je zijn:
bij gevaar, in bange tijden,
over jou zijn vleugels spreiden.
Ga met God en Hij zal met je zijn.

Ga met God en Hij zal met je zijn:
in zijn liefde je bewaren,
in de dood je leven sparen.
Ga met God en Hij zal met je zijn.

Ga met God en Hij zal met je zijn,
tot wij weer elkaar ontmoeten,
in zijn naam elkaar begroeten.
Ga met God en Hij zal met je zijn. )

Hier zo indrukwekkend ook gezongen tijdens de afscheidsdienst voor de slachtoffers van MH17 vlucht.

De troost van het laatste couplet hing als een warme deken om ons heen toen de kist wegreed richting die koude aarde. De kratten met bloeiende bloembollen, later op de auto gezet, ranonkels, narcissen, tulpen wezen op het zaaien: als een miserable bolletje de grond in gaan en teZijnertijd weer tot leven komen en schitterend bloeien. Tot dan!

Het is hier zo goed toeven!

Met onze eigen ‘spannende’ verkiezingen is Trump gelukkig als hoofdonderwerp uit de gesprekken verdwenen. Hij heeft ondertussen weer van alles uitgehaald, geloof ik, maar nu is onze eigen democratie even een hot item! En ik moet zeggen, hoe je de uitslagen ook duidt, we hebben wel bewezen een rechtstaat te zijn. Uitslagen worden geaccepteerd, grommend of niet, en iedereen zit alweer in de compromismodus: wie gaat er straks met wie? Want het land moet wel geregeerd.

Ik nam dat altijd als vanzelfsprekend aan vroeger, maar als je kijkt naar het reilen en zeilen van dictaturen als Noord Korea of in Afrika en heel recent natuurlijk de capriolen van The Donald, heb ik grotere waardering voor mijn kikkerlandje gekregen. Er is van alles mis, maar er is ook HEEL VEEL goed! Ja, de zorg moet beter, maar oh, wat mogen we de hemel op onze knieën danken dat de zorg momenteel is wat het is! (Dit helemaal gezien mijn recente ervaring met de zorg in de VS! lees hier en hier) Ja, het onderwijs moet beter, maar waar in Nederland komen jongeren van de middelbare school die nauwelijks kunnen lezen en schrijven, zoals in Amerika gebeurt? En denk aan al die kinderen die ontheemd zijn en in kampen wonen waar nauwelijks onderwijs is!

Nederland heeft het goed voor elkaar. En dat mag best weleens gezegd! Ik ben opgegroeid in een periode waarin bijvoorbeeld milieubewustzijn en protesten tegen apartheid en discriminatie ‘linkse hobby’s’ waren. Rechtse mensen en ook die in orthodoxe kerken hielden zich daar niet mee bezig. Er werd lacherig over gedaan. En iets als de apartheid in Zuid-Afrika werd zelfs met allerlei vaag wollige theorieën uit de bijbel verdedigd. Ik weet het nog goed, want ik had een vriendin op de middelbare school die juist heel erg betrokken was bij die bewegingen en we hadden er hele discussies over. Ik vanuit het zwarte gat van mijn volkomen gebrek aan kennis en zij redenerend vanuit boeken die ze gelezen had. Het was een discussie die ik bij voorbaat al verloor. Maar wat ik er van meegenomen heb, is een vroeg bewustzijn dat er meerdere opinies bestaan. Dat je iets van meerdere kanten bekijken kunt. Dat was verwarrend maar uiteindelijk toch winst.

En kijk nu eens! Zelfs Rutte zei dat we ons moeten bekommeren om het klimaat! Ik zal niet zeggen dat alle christenen voor de volle 100% warmlopen voor ecologisch verantwoord leven. Maar dat is bij geen ene bevolkingsgroep het geval. Hoewel ik vind dat wie belijdt dat de aarde niet van jezelf is maar van God die haar volmaakt schiep, je wel een extra verantwoordelijkheid draagt om er goed mee om te gaan. Maar in mijn eigen kerkverband, de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) heeft een omslag plaatsgevonden! Fair-trade koffie na de dienst, dominees die in hun preek durven zeggen dat we echt minder vlees moeten eten en geen kilo-knallers moeten kopen…dat is positief, op zijn minst. Natuurlijk er moet nog veel meer gebeuren, maar als je nooit ziet wat er al gebeurd is dan word je mismoedig.

Wat ik met dit alles maar wil zeggen is, dat er goeie dingen gebeuren in ons landje en in de kerk. En dat ik die wil zien en benoemen. En dit zijn er dan nog maar een paar!

Morgen ga ik weer klagen.

 

Streng of liefdevol?

barmhartigheid
barmhartigheid

De Media

Volgens de NOS en andere media ben ik streng. Niet alleen gelovig, wat in feite al een punt in mijn nadeel is, maar ook nog streng. Streng gelovig. Nou, dat zijn geen leuke mensen, streng én gelovig, oei. Wat dat dan is, streng gelovig? De aloude truc eerst maar eens uitgevoerd. Woordenboekdefinitie. Streng is ‘je stipt houden aan wetten en regels’, iets ‘pijnlijk voelen’ (strenge winter) of ‘zonder medelijden’. Daar gaan we dan: Wettisch, zonder medelijden geloven. De letter van de wet toepassen in tegenstelling (natuurlijk) tot de liefde die van geen wet of regel weet. Daarom ook: geen medelijden. Of die regels mensen nu pijn doen of niet, hoppa de zweep erover!

AAEAAQAAAAAAAAb4AAAAJDZlMjMyZmM0LWVmYzItNGQ4YS1hZTM0LTJiNGE1MTUxNTZmNw.png (200×200)

Streng

Mensen die mijn blog volgen zullen mij niet herkennen in deze beschrijving (okay, enigszins aangedikt!). Dat is mijn probleem met het woord ‘streng’ zoals het in de media gebruikt wordt. Er kleeft altijd tenminste een zweem van negativiteit aan (zie je de nuance hier?). Gelovig zijn is tot daaraantoe, maar stréng gelovig, dat gaat echt te ver. Dan hoor je bijna bij de staatsgevaarlijke groeperingen die eropuit zijn een dictatuur te vestigen.
Ik zie ze voor me, die streng gelovigen. Een lange rij mensen met bleke, somber-ogende, gekwelde gezichten. Die gebukt gaan onder regels en wetten, die alle vreugde uit hun leven verbannen. Het enige wat telt is de gehoorzaamheid. Liefde? Nooit van gehoord. Barmhartigheid? Komt niet voor in hun woordenboek. En zo sjokken ze zonder vreugde voort door het leven.

Roe v Wade

Waarom hoor ik bij die ‘streng gelovigen’ volgens de media. Beter gezegd, waarom voel ik me eigenlijk aangesproken? Een voorbeeld. Op het nieuws kwam voorbij dat Norma McCorvey was overleden. Zo op het eerste gehoor geen idee wie dat was. Maar wanneer je actief bent in de prolife beweging weet je misschien dat Norma onder een ander naam bekend is geworden. Zij was namelijk een fervent voorvechtster van het recht op abortus in de Verenigde Staten. We hebben het over de jaren zeventig. Bijgestaan door twee vrouwelijke advocaten kwam haar abortus-eis uiteindelijk voor het Hooggerechtshof in de VS. Daar viel de uitspraak dat iedere vrouw het recht heeft op zelfbeschikking en dus op abortus tot in de tweede termijn. De staten mochten beslissen over de derde termijn (tot 24 weken!). Norma is in de rechtszaak bekend onder de naam Jane Roe. De uitspraak is bekend geworden onder de naam Roe versus Wade.

In de jaren negentig onstond er een bizarre situatie. McCorvey die in een abortuskliniek werkte als schoonmaker raakte bevriend met dominee en directeur van een prolife organisatie Flip Benham. Zijn kantoor zat in het gebouw naast de kliniek wat tot vele confrontaties leidde. Een onwaarschijnlijke vriendschap dus. Hier is het verhaal te lezen. McCorvey werd gelovig en trad toe tot de katholieke kerk. Haar positie ten opzichte van abortus veranderde radicaal.

I was sitting in O.R.’s offices when I noticed a fetal development poster. The progression was so obvious, the eyes were so sweet. It hurt my heart, just looking at them. I ran outside and finally, it dawned on me. ‘Norma’, I said to myself, ‘They’re right’. I had worked with pregnant women for years. I had been through three pregnancies and deliveries myself. I should have known. Yet something in that poster made me lose my breath. I kept seeing the picture of that tiny, 10-week-old embryo, and I said to myself, that’s a baby! It’s as if blinders just fell off my eyes and I suddenly understood the truth—that’s a baby!

I felt crushed under the truth of this realization. I had to face up to the awful reality. Abortion wasn’t about ‘products of conception’. It wasn’t about ‘missed periods’. It was about children being killed in their mother’s wombs. All those years I was wrong. Signing that affidavit, I was wrong. Working in an abortion clinic, I was wrong. No more of this first trimester, second trimester, third trimester stuff. Abortion—at any point—was wrong. It was so clear. Painfully clear.

McCorvey, Norma & Thomas, Gary (January 1998). “Roe v. McCorvey”. Leadership U. Retrieved February 18, 2017.

Streng of liefdevol

Commentaar NOS radio 1 journaal: McCorvey werd op latere leeftijd ‘streng gelovig’ en keerde zich tegen abortus. Zou je nou ook zeggen: zo en zo werd op latere leeftijd streng humanistisch of atheïstisch of wat dan ook en keurde abortus goed? Nee toch? Ik vind dit gekleurde nieuwsvoorziening. “McCorvey werd gelovig en op grond van haar overtuiging keerde zij zich tegen abortus”, dat zou volgens mij eerlijker zijn.

Ben ik nu ‘streng’ gelovig als ik me inzet voor het leven. Omdat ik geloof dat het leven heilig is, een geschenk van God? Niemand kan immers leven creëren? Daarom zet ik me in voor dat leven. Pril of aan het einde van een lange levensloop. Ben ik ‘zonder medelijden’ wanneer ik ongeboren leven met een kloppend hartje en (vanaf het moment van conceptie ) alles in zich dragend om die bijzondere, unieke persoon te worden wil beschermen? Of die eenzame oudere niet zelfmoord wil laten plegen vanwege zijn gevoel dat het leven niet langer zinvol is?

Je kunt verschillen van inzicht, zeker in de politiek moet je wat betreft regelgeving zoeken naar compromissen.  Maar laten we nou niet de ene opvatting ‘streng’ en de andere, wat? ‘liefdevol’? gaan noemen.

Ik wil zeker ook oog hebben voor de mens in al die situaties. Wat betreft abortus en de zorg voor moeder (én vader!) kan ik me prima vinden in het standpunt van de ChristenUnie.

Gods leefregels zijn altijd bedoeld om het leven  te doen opbloeien. Letterlijk en figuurlijk. Ook al moet je daarvoor soms door de winter heen.

FFC-Tulpen-in-bloei-bij-Roptazijl-bij-Zeedijk-Foto-Marcel-Teensma-2-950x712.jpg (950×712)

 

De wijngaard in City Life

Zondagen zijn altijd een moment van opladen. Citylife Church waar we meestal de dienst bezoeken (zie deze blog), is een half uur lopen van waar we logeren in het gebied bij de haven van Boston. Een heerlijke wandeling door China Town dat om half elf zondagochtend zo druk is als de Kalverstraat op koopavond. Een enorm contrast met het compleet uitgestorven financiële district een of twee wijken verderop. Niemand woont daar en er is in het weekeinde niets te zoeken. Zelfs de cafe’s zijn er dicht. In China Town staan de mensen in de rij bij de bakkerijen waar rijen weelderig versierde, maar lichtelijk kunstmatig uitziende taarten in de schappen staan.  De restaurants met de lekkerste dumplings, dim sum’s en andere voor mij onbekende gerechten zitten, hoe vroeg ook, al propvol. Vlakbij de Chinese Poort verzamelen zich oudere Chinese mannen om te kaarten en mahjong te spelen. Verderop staat een groepje van de Falun Gong beweging Tai Chi te doen. Gewoon met winterjas aan, maar toch zo sierlijk als maar kan.

Het is een komen en gaan van auto’s en mensen, allemaal op weg naar ik weet niet wat. Er is een Chinese kerk hier, dus ongetwijfeld zijn er kerkgangers net als wij. Onder jonge Chinezen is een sterke beweging gaande van christenen. Net als onder Koreanen.

Terug naar de straten. We lopen op de smalle trottoirs en bereiken wat hier het Theater District genoemd wordt. Daar, in een hotel op de 6e verdieping, komt City Life samen, iedere zondag om 10.30 en om 14.00 uur. Als je binnenkomt waan je je in Azië. 80% van de gemeente is van Chinese of Koreaanse afkomst. Wij voelen ons daarom heel erg thuis gelijk. Na 9 jaar in Korea is het iedere keer een soort thuiskomen ervaring. De meeste leden wonen hier als tweede generatie, maar er zijn ook veel studenten die weer terug gaan naar hun land na hun studie. Iedere zondag spreken we tijdens het kennismakingsmoment (zó’n goede gewoonte: groet de mensen in je omgeving!) weer anderen. Vandaag zat ik naast iemand van Chinese afkomst. Zijn ouders hadden in Finland een opleiding gedaan, en waren daar christen geworden. Ze hadden hem in China achtergelaten en later meegenomen naar Amerika. Achter ons zat een man uit Shanghai. Hij studeert hier aan een theologische opleiding en is part-time predikant van een Chinese kerk. Vol enthousiasme over gereformeerde theologie. Bavinck was net vertaald in het Chinees, vertelde hij stralend.

We beginnen met muziek. Als senioren hebben we af en toe de neiging om oordoppen in te doen, maar zo flauw willen we niet zijn. Het is begeleiding met electrische gitaar, keyboard en drums. De kwaliteit van de muziek is goed. Gewoon wat hard. Er heerst een ontspannen en tegelijk zeer ordelijke sfeer. Mensen komen binnen tot het moment dat de preek begint. In groepjes. De deur gaat dicht tot er weer een binnenlaat moment is. Iedereen draagt natuurlijk bekers met koffie, sap of water. Maar er wordt niet gegeten! Nog geen pepermuntje. Ik aarzel om een snoepje te pakken en denk dan, bekijk het, als iedereen hier kartonnen emmers meeneemt om uit te drinken mag ik toch wel een mini-mint pakken!

We zingen, we bidden, we lezen uit de bijbel en luisteren dan naar een uiteenzetting over de gelijkenis van de wijngaard. Een zeer boeiend verhaal dat de dood van Jezus presenteert als het ondersteboven van God. Luister hier wanneer je de preek wilt horen.

Trump country en MLK day

Iedereen om me heen hier in Amerika houdt de adem in. Het weer in Boston weerspiegelt de sfeer, regenachtig, somber. Wat gaat er gebeuren? Hoe gaat deze onberekenbare, door zelfliefde schijnbaar verblinde Trump, straks het land leiden? Zonder alternatieven worden nu al regelingen van de Obama regering weggestemd, met name de voorzieningen in de gezondheidszorg, zoals wat in de volksmond Obamacare ging heten (Affordable Care Act). Wat komt er voor in de plaats? Ik las het verhaal over predikanten van kleine gemeenten die meestal niet kunnen deelnemen aan grotere, gezamenlijke verzekeringen, dat het voor hen desastreus is. Zelfs Obamacare is niet goedkoop en een van de klachten was dat de premies (onze dochter in New York betaalde $200 en had een eigen risico van $1000 voor ze zich via haar bedrijf  kon verzekeren) steeds duurder werden. Maar vergeleken met daarvoor waren duizenden en nog eens duizenden voor het eerst verzekerd voor medische kosten. Er heerst onrust en onzekerheid bij velen.

Waarschijnlijk is er niet eerder zo’n conflictueuze situatie rondom een presidentsverkiezing geweest als nu. Het doet me doet denken aan de hevige emoties bij  een kerkscheuring.  De scheiding tussen pro- en anti loopt dwars door gezinnen, vriendschappen , kerken en zelfs huwelijken. Politiek is een taboe geworden. Op feestjes wordt er niet meer over gepraat, tenminste als je het gezellig wil houden. Het wederzijds onbegrip is enorm. De mening over Trump’s karakter is redelijk gelijk (een ‘wonderlijk’ persoon op zijn zachts gezegd), maar zo gauw men het heeft over al het andere verdwijnt de overeenstemming snel. Men is cynisch, bitter, of ronduit vijandig en agressief. Obama is voor de ene groep als een messias. Trump is satan. Voor de andere groep is hij het middel, misschien wel niet ideaal, maar hij is een weg naar vrijheid voor een deel van de bevolking dat zich niet gezien en erkend voelde in de 8 jaar van de regering van Obama. Hoe charmant en vriendelijk ook, veel gevoeligheid ten opzichte van bijv. christenen en hun positie in onderwijs en zorg heeft hij volgens hen niet laten zien. Onder Hillary Clinton vreesden ze een nog grotere inperking van hun vrijheid. Een genuanceerd gesprek over onderwerpen is met velen niet meer mogelijk. Het is vóór of tégen. Heb je standpunten die soms bij het ene kamp liggen en soms bij het andere dan kun je hier maar beter je mond houden. Wat ik christelijk-sociaal noem wordt hier vanwege het christelijke al gauw als republikeins gezien en dús pro-Trump, en vanwege het sociale als socialistisch, dús democratisch. Prolife dat zijn pro-fundamentalistische, haatzaaiende, achterlijke mensen die de tijd terug willen draaien. Anti-particulier wapenbezit is een bijna onmogelijke positie als je Republikein bent.

Er is angst en pessimisme. En enthousiasme en hoop. Verering en bewondering. En haat en in beide kampen een compleet gebrek aan respect.  Niemand lijkt enig ontzag voor overheden en politici te hebben. Men gaat uit van corruptie en bedrog. Waarschijnlijk terecht, gezien het systeem. Maar het stemt me droevig. Hoe kan een land overleven waar zo weinig geloof mogelijk is in de goede intenties van overheden? En de verantwoordelijkheid van burgers als kiezers van die overheid.

1-19-Martin-Luther-King-ftr.jpg (1240×775)Maandag was ik getuige van iets wat hoopvoller stemde. Het was Martin Luther King dag en we besloten naar een van de festiviteiten te gaan.  In Faneuil Hall, MA-2.jpg (550×367)

 

een historisch gebouw uit de 18e eeuw, werd King herdacht. Met muziek (een mix van jeugdorkesten uit, zeg maar ‘krachtwijken’, toespraken en samenzang. Voor het eerst zong ik We shall overcome hand-in-hand met zwarte mensen die in hun eigen leven nog hebben meegemaakt dat ze als minderwaardig werden behandeld. Ik sprak een zwarte vrouw van 77  uit Mississippi (het zuiden van Amerika) en daar aan den lijve de vreselijk rassendiscriminatie had ervaren. Tijdens het zingen van bekende liederen zoals Amazing Grace, voelde je in de zaal de ontroering, maar ook de pijn uit het verleden en heden. Ik zag veel tranen. De dame uit het Zuiden, Clovis, gaf een treffend commentaar toen we wat napraatten. Er is hoop, er is een droom en er moet gestreden worden tegen racisme en discriminatie. Maar wat we vooral nodig hebben is gebed. Alleen de Heilige Geest kan onze harten werkelijk veranderen zodat we elkaar niet meer haten en vernederen.  

Dat is altijd waar, overal. Maar hier in dit land bid ik om een bijzondere uitstorting van de Geest. Hoe zal het anders overleven?

Wexford Carol – een kerstlied

Vanmiddag een uur of zo op een druilerige Kerstmarkt gestaan. Uitnodigingen in de hand voor een laagdrempelige samenkomst van Geloof in IJsselstein. Een groep christenen die in IJsselstein mensen wil bereiken die op zoek zijn. Naar God, naar zin, naar meer. Mijn papier werd vodderig van de regen, na tien mensen die ‘geen belangstelling’ hadden daalde toch mijn stemming wat…en mijn voeten werden koud.

Dit lied maakt me weer warm. Yo-yo ma begeleidt op cello en Alison Kraus zingt met haar weergaloos mooie stem de tekst, volgens Wiki een oud Iers lied uit de 12e eeuw. (De tekst ouder dan de melodie volgens kenners):

good people all this Christmas time
consider well and bear in mind…

what our good God for us has done,
in sending His beloved son

with Mary holy we should pray to God
with love on Christmas day

in Bethlehem upon that morn’
there was a bless’d Messiah born

Dit kind, deze Jezus, om Hem gaat het. Ik kan mensen niet tot een zoektocht bewegen, Hij wel.

Afhankelijkheid

klagen.jpg (500×500)
bron: hein de haan overvloeiendegenade

Wat maakt afhankelijkheid zo moeilijk? Die vraag speelt voortdurend door mijn hoofd. Persoonlijke omstandigheden zijn de aanleiding. Die hebben een soort ‘met de billen bloot’ situatie doen ontstaan. Iedereen heeft daarvan wel een eigen versie te vertellen. De details verschillen, maar je kent dat gevoel wel. Dingen die je het liefst onder controle hebt, de baas bent, onder eigen beheer houdt, niet wil delen met jan en alleman, enzovoort.

En dan is er een bepaalde noodzaak dat toch te doen en hoppa: daar sta je dan in je blootje! Zo voelt het. Geen beschermend laagje, geen facade, geen ‘alles- is -dik -voor -mekaar, hoor’ muurtje waarachter het zo veilig schuilen is. Dat is iets wat we hier in het westen (of is het menselijk?) ontzettend moeilijk vinden, autonoom en onafhankelijk als we willen zijn. Ziektes, ok, die willen we nog wel delen. Allerlei lichamelijke kwalen vormen onderwerp van gesprek. Maar alle andere sores? Psychische problemen? Mondje dicht, men zou eens kunnen denken dat je zwak bent. Relatieproblemen? Welnee! Daar zwijgen we over, want iedereen om je heen lijkt zo gelukkig, dat ga je niet in de groep gooien! Opvoedingsproblemen? Financiële problemen? Kom op, wie zou daar nu over praten? Alleen als je als een loser gezien wil worden. En daarbij: Klagen mag niet, hebben we geleerd.

Zo kwakkelen we met z’n allen door het leven. Gordijnen dicht en deuren op slot. Tot het niet meer gaat en er de meest vreselijke situaties zijn ontstaan. Kan dat nou niet beter?

Ik ben dankbaar voor de huiskringen in onze kerk. Kleine groepen die om de twee weken bij elkaar komen en bidden en bijbellezen en over God en de dingen van het leven praten. Er is een sfeer van vertrouwen en openheid. Wordt alles gedeeld? Nee, niet altijd en iedere keer, maar het is wel een omgeving waar het kàn. Een omgeving die ertoe uitnodigt, omdat ieder bereid is facades af te leggen en iets van achter de gordijnen te tonen. Dan is het niet zo erg als ik dat ook doe. Ik ben gewoon één van de ‘losers’ onder velen. Dingen worden relatief, vloeiend en niet meer zo opgeklopt. Voor God staan we allemaal als losers en worden we allemaal winners, door Jezus.

Dan ontstaat ook een energie om te zoeken naar hoe we elkaar kunnen helpen. Geestelijk, lichamelijk, concreet en practisch.

Kringen zijn (net als familie) een broedplaats voor het ontwikkelen van een gezonde onderlinge afhankelijkheid.

En zonder (kerkelijke) kringen? Dan pleit ik er toch voor om minder krampachtig over onze persoonlijke problemen te zijn. Iedereen worstelt immers met van alles in het leven? We kunnen elkaar zo goed helpen door allereerst te luisteren. En nog eens te luisteren. En dan nóg eens te luisteren. En vragen te stellen. Niet gelijk met je eigen verhaal komen. Maar het verhaal van die ander aanhoren en door vragen te stellen te proberen begrijpen. Je verplaatsen in de ander. Meeleven. Zo kostbaar!

Soms is luisteren het enige wat je hoeft te doen. Uit eigen ervaring weet ik dat je verhaal kunnen vertellen soms genoeg verlichting geeft om er weer tegenaan te kunnen. Maar meedenken kan ook tot andere hulp leiden. Practische hulp, concreet in het helpen plannen, in het (helpen) bedenken van oplossingen.

Onze worstelingen en problemen (bijna) net zo vrijmoedig delen als onze verkoudheden en buikpijnen, wat zou dat heilzaam zijn!

Wat vinden jullie? Delen we te weinig met elkaar? Schamen we ons teveel voor de sores in onze levens? Ik hoor graag in een reactie van jullie wat je ervan vindt!