rondleiding verpleeghuis

Om half vier zaten we rond de tafel in een ontmoetingsruimte in het verpeeghuis NEBO in Den Haag. Er waren familieleden van drie kandidaten. Mijn broer Ed, Kim en ik voor mijn moeder. Een echtpaar voor (schoon)moeder. Een echtpaar met dochter voor (schoon) vader/ opa. Voorlichting door Rita Haasjes, maatsch. werker NEBO.

Uitstekende introductie  Zodanig dat je bijna zelf zin kreeg om er te gaan wonen. Dan gaat er natuurlijk een alarmklok af: Niet alles is zoals het nu lijkt! Maar ik moet zeggen, dat Rita eerlijk antwoord gaf op vragen die er veelvuldig gesteld werden. Alles was mogelijk in overleg, maar de regel was bijvoorbeeld: éénmaal per week douchen. Dat vind ik veel te weinig. Zeker voor mensen die incontinent zijn! Maar vaker kon ook, geen probleem, dat zou dan in het zorgplan worden opgenomen. Ik ben wat sceptischer geworden sinds ik met de realiteit van een verzorgingstehuis te maken heb. De wil is er vaak wel, maar de tijd, de communicatie en soms zelfs toch ook de motivatie ontbreken vaak.

We hebben het hele huis gezien. Modern, licht en zonnig. Met een binnenplein waar een restaurant is en de kapsalon e.d. Gezellig en bedrijvig. Kleuren aangenaam, veel kunst, planten, activiteiten op niveau (klassieke muziek luisteren, lezen, schilderen enzovoorts)

We hebben ook de PG afdeling gezien. Een gesloten afdeling waar de ambiance  gelijk anders was. Weinig activiteit (het was bijna 5 uur, misschien wachtte men op eten), weinig beslotenheid, alleen veel stilte, veel starende of slapende mensen en de onmiskenbare geur van urine…..

Het is mijn gebed dat m’n moeder toch nog wat langer in de Linde mag blijven. Overdag gaat het redelijk, maar blijkbaar ’s nachts is ze erg onrustig. Veel bellen en van haar kamer afkomen en door het huis dwalen. Het verzorgingstehuis is daar niet op ingesteld en vindt haar rijp voor een PG afdeling. We hebben om nog wat uitstel gevraagd. Het is een hele stap en voor mijn moeder het zwaarst. Helemaal opnieuw beginnen en dan bij mensen komen te wonen die verder heen zijn dan zij…

Toen wij op de afdeling kwamen werden we bijvoorbeeld onmiddellijk ‘besprongen’ door een demente dame die, weliswaar vrolijk, maar toch heel nadrukkelijk, onze aandacht opeiste: dansend en tikkertje spelend en dan weer ernstig sprekend, volgde ze onze groep. Zulke mensen is mijn moeder nog helemaal niet gewend. Moeilijk. Het is ook nog zo dat, wanneer er een kamer vrij komt, mijn moeder direct de volgende dag daarheen moet met een koffertje. Ik vind dat onmenselijk. En dat is een puur economische kwestie. De kamer kost geld dus het bed mag niet leeg blijven, anders worden de tehuizen financieel gekort. Zelfs bij overlijden wordt de familie dezelfde dag verzocht de kamer leeg te maken. In het verzorgingshuis mag het een week duren. Er wordt van de familie heel veel gevraagd. Soms bekruipt me het gevoel: ik neem haar zelf in huis. Waarom niet? In plaats van haar te dumpen op zo’n deprimerende, gesloten, stinkende PG afdeling….Waar zijn we eigenlijk mee bezig?

pg-substituut, zeg maar, huiskamer

Mijn moeder draait mee in een PG-substituut heb ik onlangs geleerd. Gelukkig had ik al eerder de afkorting PG gehoord (psycho-geriatrisch) anders was ik toch even gaan piekeren welke kwaal er nu weer de kop op had gestoken bij haar. PG-Substituut is (vergoeding van het ABWZ voor) een huiskamer-project in een regulier verzorgingstehuis. Het is bedoeld voor ouderen die niet alleen kunnen zijn en ondersteuning nodig hebben (flankerend beleid, ook zo’n mooie term). Ze zijn nog niet toe aan een verpleegtehuis. Vandaar dus de term: PG-substituut.

Ik vind het een goeie vinding, of die nu uit bezuinigingsdrift of verzorgingsdrang is ontstaan. (Het laatste zou beter zijn voor de continuiteit). Het is een goeie oplossing voor mensen als mijn moeder die nog te goed zijn voor een heuse afdeling voor demente bejaarden, maar niet meer op zichzelf kunnen functioneren. Een huiskamer ziet er in de Linde, het huis van mijn moeder, redelijk gezellig uit. Er staat een kring van uiterst comfortabele seniorenstoelen waarin lekker gerelaxed kan worden. Er staan wat donker-eikenhouten kasten, geheel in de smaak van de meeste bewoners. Hoewel, ik moet zeggen, mijn moeder heeft een betere smaak. Dit terzijde.

Men drinkt gezamenlijk koffie en thee, rond de eettafel is er tussen de middag (goed!) warm eten samen en de middag wordt afgesloten met een broodmaaltijd. Er is altijd wel een activiteit(je) en het leven gaat er zo z’n rustige gangetje. Iedere morgen is er dagopening (De Linde is een tehuis van het Leger des Heils), woensdag komt de kapper, er is soms een uitje, een film, nou ja – Rust, Reinheid en Regelmaat, dat is het devies en daar varen de mensen wel bij!

Nu was de huiskamer vroeger open tot 20.00 à 21.00 uur, de bewoners werden dan rond die tijd naar hun kamer cq bed gebracht. Wat vroeg, maar goed, voor men een keer lag was het half tien, tien uur, een redelijke bedtijd. Nu wil het geval dat er in de verzorging niet veel extra geld beschikbaar is (hardop voorlezen op licht ironische toon…  ). Men moet efficiënt werken en marktgericht denken, volgens het regeringsbeleid.

Nu is aan licht dementerende lieden natuurlijk geen cent te verdienen, die kosten alleen maar geld. Wat zeg ik, die kosten te veel geld. Zo’n huiskamer is leuk en aardig maar als er ’s avonds maar 2 krachten in huis zijn dan hebben die natuurlijk geen tijd om 10 schlemielen gezelschap te houden en vervolgens naar bed te brengen. Trouwens, het zijn toch ziekelijke mensen, dus de goedkoopste oplossing is: We doen de huiskamer dicht, en dan brengen we de mensen gewoon om 18.30 naar bed. Ze hebben verder toch niets te doen dan een beetje voor zich uit te staren, dus dat doen ze dan maar gewoon in hun eigen bed.

Zo gezegd, zo gedaan. De huiskamer is ’s avonds niet meer open. Een ramp voor mijn moeder. Nooit een beste slaper geweest, wordt ze, wanneer ze om 19.00 uur op bed wordt gelegd meestal midden in de nacht wakker. Met het idee: de dag begint weer. Ze gaat zich aankleden, of gaat verzorgers zoeken, die haar vervolgens weer naar bed brengen. Maar de nacht is lang. Nu heet het dat mijn moeder ‘erg onrustig’ is. Ik begrijp het vanuit het oogpunt van het personeel dat je ’s nachts wanneer je samen verantwoordelijk bent voor een heel huis, geen tijd hebt, steeds op en neer te moeten naar een bewoner. Maar vanuit het oogpunt van mijn moeder denk ik: is dat nu zo vreemd dat ze zo’n lange avond en nacht niet volhoudt als ze overdag ondersteuning krijgt vanwege juist dat zelfde probleem? Ze is een volle 12 uur alleen, en dan ook nog de moeilijkste periode van het etmaal, als het buiten donker wordt en is. Juist dan wordt ze geacht zichzelf te vermaken…En ’s nacht komen de herinneringen en het verdriet van een lang leven van 87 jaar op z’n hevigst naar boven.

Ze krijgt nu medicijnen extra om haar rustiger te maken. Dat is fijn voor haar en fijn voor het personeel maar ergens steekt het me. Wat ze nodig heeft is aandacht, gezelschap. Een kamer waar het licht brandt, waar het veilig is en waar ze even een bakje thee kan halen.

Ik las over een onderzoek waarin het gebruik van vrijheidsbeperkende maatregelen in kaart werd gebracht in zorginstellingen. Ook het geven van medicijnen om mensen ‘ rustig’ te houden wordt daaronder gerekend. Een maatregel die voor het hardwerkende personeel alleszins te begrijpen is, maar nadenkend over de situatie van de instellingen en het krappe budget dat besteed wordt om daar een veilige plek te scheppen voor mensen aan het einde van hun leven, dan vind ik het zeer schrijnend dat we daar steeds weer moeten bezuinigen. Ik roep de politiek en andere verantwoordelijken op om pas dan mee te gaan beslissen wanneer hun eigen ouders in een verzorgingshuis wonen. Pas dan weet je waarover je het hebt!