Berlinde de Bruyckere

Met vriendin Ans toog ik laatst naar het Gemeentemuseum in Den Haag. Naar de tentoonstelling van werken van Berlinde de Bruyckere (1964, Gent). Ik kende haar werk niet. Het was er niet druk, er stonden geen rijen voor de kassa, dus in alle rust liepen we rond. Enigszins verbijsterd, gebiedt de eerlijkheid me te zeggen: Waar ben ik terecht gekomen? Verwrongen, verminkte lichamen van was, in een kleur die me steeds aan doden deed denken, grijsblauw, transparant, broos en breekbaar. Sommigen gewikkeld in stukken doek waardoorheen bloedachtige vlekken te zien waren. Als haastig verbonden, gewonde soldaten in een oorlogssituatie.

Intrigerend, schokkend, fascinerend en misselijkmakend. Na een half uur zeiden we allebei dat we ons letterlijk onpasselijk voelden. Toen hebben we even gepauzeerd om het een en ander op ons in te laten werken.

Ik ga meestal ‘schoon’ naar een expositie. Ik lees er niet over omdat ik het tentoongestelde werk wil ondergaan voordat ik het ga duiden. Bij deze tentoonstelling had ik echter wel meer informatie nodig om iets te ‘kunnen’ met wat ik zag.

berlinde
Marthe

 

Into one another
Into one another

Vriendin Ans wist dat de kunstenares een slagersdochter is. Een vrouw, opgegroeid tussen het vlees, zeg maar. Aan vleeshaken hangend in haar vaders slagerij. Dat verklaarde de gelijkenis van veel lichamen met dergelijke vleespartijen. Het doet gruwelijk aan, maar ik begrijp dat zij er veel meer mee zeggen wil dan dat. Ik las ergens dat de inspiratie en motieven in haar werk te maken hebben met:

metamorfose, dualiteit, lichamen (van mens, dier, plant en alles daartussenin), huid (idem), kwetsuren, broosheid die tegelijk kracht is, verwering, melancholie… Maar De Bruyckere vervalt nooit in pessimisme of fatalisme; haar werken zijn van een sublieme, verstilde schoonheid.’

Naast breekbare lichamen waren er ook werken van takken en boomstammen te zien. Ik kon er niet zoveel mee, maar achteraf lezend over haar inspiratie heb ik er meer waardering voor, afgezien van het zeer knappe, ambachtelijke van haar kunst. ‘Lijdende boomlichamen’, zo omschreef iemand ze op internet. Bomen die gekapt, gerooid worden en als afgekeurd, ontworteld langs de kant van de weg liggen. Dat roept allerlei thema’s op die we als mensen herkennen.

berlindedebruyckere_kreupelhout

‘De bomen, helemaal aan flarden getrokken door het natuurgeweld, als symbool voor leven, dat onherkenbaar vernield werd. De begrenzingen van het menselijk zijn’,  schreef ze aan schrijver J. M. Coetzee.
Iemand anders omschreef het zo:  De kern van het werk was ontheemd zijn. Als een mens ontworteld raakt is dat zo ingrijpend, men vindt zijn plek nooit weer. Ook altijd een groot thema in het werk van Coetzee.

Dat sprak me zeer aan! Ik heb me vaak, door frequente verhuizingen, ontheemd en ontworteld gevoeld. Haar bomen bloeden uit vele kwetsuren en worden gezwachteld; tussen de takken en stompen liggen zachte kussens, als om het leed te verzachten. Dat komt binnen!Berlinde-De-Bruyckere-kreupelhout1

Op verschillende sites las ik dat San Sebastian, de tot het christendom bekeerde Romeinse soldaat die werd vastgebonden aan een boom en met pijlen doorboord, een inspiratiebron is voor de kunstenares. Ik moest echter steeds denken aan de lijdende Christus, breekbaar, kwetsbaar, bloedend uit ‘duizend wonden’.

Berlinde de Bruyckere is verder ook bekend om haar werk met paarden en dekens.

het mocht niet zo zijn

Vandaag dan eindelijk naar de overzichtstentoonstelling van Picasso in het Haags Gemeentemuseum met vriendin Ank. Geen van beiden zijn we echte fans van Picasso, maar een overzichtstentoonstelling is altijd leuk omdat je dan iemand vanaf het begin kunt volgen. Er is vaak een film, uitleg enzovoort. Je groeit daardoor in waardering voor iemands oeuvre. Om 11 u. afgesproken met elkaar.

Het eerst wat ik zag bij het museum aangekomen was een ellenlange rij, die buiten al begon, dat wil zeggen in de regen. Met mijn na 1 minuut buiten in Scheveningen door de wind aan flarden gereten paraplu, had ik daar niet veel trek in. Maar ja, men moet offers brengen voor Kunst met een K. Geduldig schaarde ik mij in de rij. Voetje voor voetje schuifelden we richting de overdekte ingang. Wie het Gemeentemuseum kent, weet dat de kassa nog ver verwijderd is van de ingang. Na een half uur was ik op twee derde afstand van de kassa gekomen.

Ondertussen had mijn ergernis de vorm aangenomen van een zwarte donderwolk, onzichtbaar voor alle mensen om mij heen die vrolijk stonden te babbelen over het prachtige art deco gebouw en die opgewonden, steeds weer nieuwe details ontdekten. Ik kon alleen maar denken: dit hele museum kan me gestolen worden, ze lopen hopeloos achter. Waarom hebben ze niet bedacht dat 2 kassa’s wel een beetje mager is voor zo’n tentoonstelling?

Mijn mobieltje ging: Ank. “Ik zit bij het Museon in het restaurant, daar kun je zo naar binnen, halen we straks als het rustiger wordt wel kaartjes”. Puik idee, hoewel ik mijn, na een half uur schuifelen veroverde plaatsje wel met moeite afstond. Had ik daar nu al dat geduld voor opgebracht? Ik wilde er bijna een kleine vergoeding voor vragen…Maar Ank had gelijk. Eerst maar aan de koffie.

Na 2 koppen koffie, een broodje en veel bijgepraat te hebben, stond er NOG een lange rij. Toen besloten we maar naar het Gem te gaan en de fototentoonstelling te bekijken van de prijswinnaars van de Zilveren Camera. Ook zeer de moeite waard. En we hebben de schilderijen van Richter bekeken. Mij onbekend en zou hem ook niet mijn favoriet willen noemen na bezichtiging. Heel cryptisch, soms dreigend en bij tijden gewelddadig. Wel verschrikkelijk knap.

Picasso is er dus (nog) niet van gekomen. Het zij zo. Moeten ze maar meer kassa’s openen. (Tip voor wie nog wil: ga na 14.00 uur, aanmerkelijk rustiger).  Oh en een pinautomaat in het restaurant van Museon zou ook wel bij de tijd zijn…