Duivels, demonen, genezingen en de woestijn van psalm 63

Ik weet het niet… Ik krijg een onprettig gevoel, iedere keer dat ik een oproep lees of hoor om toch vooral meer aandacht te schenken aan duiveluitdrijvingen (CV Koers van maart), meer te zoeken naar genezingen en heelmaking van het lichaam omdat dit toch de belofte van de Bijbel zou zijn. Op de omslag van EO visie prijkt prominent het verhaal van een vrouw die plotseling genezen werd. (Ik ben om misverstanden te voorkomen blij voor deze vrouw. Het gaat me meer om de aandacht die ik disproportioneel vind).

Waarom treft me dit onaangenaam? Is het onbijbels om te zeggen dat je genezen bent? Nee, natuurlijk niet! Ik ondervind m’n hele leven door genezingen. Het blijft een wonder iedere keer dat mijn lichaam zich herstelt na griep, of een verwonding of anderszins. Is het dan onbijbels om te geloven in de duivel en z’n demonen en dat die er op uit zijn ons te vernietigen? Evenmin. Ik geloof op grond van de bijbel dat  satan grote macht heeft en evenzeer dat God’s macht nog veel groter is. Satan loopt mooi wel aan de leiband en kan kinderen van God niet uit Zijn hand trekken. Maar wel knap lastig vallen en z’n best doen om hen te verleiden tot allerlei, voor hun heil niet bevordelijke, zaken. Daarom zegt Jezus dat we moeten bidden: verlos ons van de boze. Zonder die boze zou het een stuk beter met ons gaan….

Volgens Jezus was dat gebed voldoende.  Het Onze Vader  is eigelijk een heel simpel gebed. Zo simpel dat je de neiging hebt het toch maar wat langer te maken. Want tja, of je nu in 5 minuten alles kan zeggen?

Volgens mij was dat nu juist wat Jezus bedoelde aan te geven met dat gebed. Wij denken veel omhaal van woorden en rituelen nodig te hebben om te geloven dat er echt wat zinvols gebeurt. Maar dat hoeft voor God helemaal niet. Die weet immers al wat we gaan vragen voor we er om gebeden hebben? Is bidden dan nog wel zinvol? Ja, want God zegt dat Hij het zo wil. Hij gebruikt onze gebeden om Zijn plan uit te voeren. Maar we moeten vooral niet gaan denken dat succes gegarandeerd is als je iets 100x herhaalt in een soort mantra.

Hier ligt voor mij de zere plek met allerlei bewegingen die van bidden een uitgebreid ritueel gaan maken, boven en verder dan ik in de Bijbel lezen kan. Ja, we moeten volhouden in het gebed, we mogen veel vragen in het gebed, we moeten zowel met elkaar als individueel bidden, tijdens samenkomsten en daarbuiten (wie bijbelteksten wil mag me mailen :)). maar nergens vind ik terug dat we aparte genezingsdiensten moeten beleggen, duiveluitdrijving moeten beoefenen, speciale trainingen daarin moeten ontwikkelen omdat de ene demoon hardnekkiger is dan de ander, bepaalde houdingen moeten aannemen tijdens het bidden enz. enz. Het komt allemaal zo ‘menselijk’ over, tegengesteld aan de simpele directheid van de Bijbel en dan met name het NT. Het gebed van een gelovige heeft veel kracht, dat staat er.  Punt.  Blijf kloppen aan God’s deur. Laat het overige bij God.

Dat geloof ik en daarom bid ik. Daarom bid ik vaak en herhaaldelijk. Zeker voor mensen die ziek zijn of in moeilijke omstandigheden verkeren. Ik bid met met mensen die lijden aan het leven, die in de woestijn verkeren en dorsten naar God. Voor mezelf mag ik bidden. Ik ken die woestijnervaringen. En ik geloof dat God mijn gebeden hoort. Om Jezus wil. Dat is uiteindelijk toch de kracht van je gebed. Dat je put uit wat Jezus heeft aan kracht voor ons als zwakke stervelingen.

Ik ben, denk ik, niet zo van de bewegingen. Zal ook wel met m’n karakter te maken hebben. Ik voel me vaak een bepaalde kant opgeduwd en dan ga ik tegenstribbelen. Ik wil dus ook niet beweren dat alles fout is aan een beweging, maar ik mis toch vaak ruimte en zelfkritiek.

Het verschil tussen een ‘beweging’ en de kerkelijke gemeente is, denk ik, dat een beweging er naar tendeert een natuurlijke selectie te ondergaan. Iedereen die erbij hoort ervaart en voelt dezelfde dingen en men bevestigt elkaar daarin. Wie die niet zo ervaart, voelt zich al heel snel ‘minder’ en buitengesloten, ook al is dat zeker niet de bedoeling van de ‘beweging’ en de volgelingen.
De kerkelijke gemeente is van naure veel meer divers en kent allerlei ervaringen en belevingen. Uitdaging is dan om elkaar daarin te aanvaarden en begrijpen en niet weg te lopen als er verschillen van opvattingen zijn maar het te zien als de ‘veelkleurigheid van Gods wijsheid’. Want dat is de valkuil voor de kerk: alle neuzen een kant uit.

Daarom is de kerkelijke gemeente voor mij nog steeds de plek waar het gebeuren moet. Genezingen, bemoediging, troost, gebed, lof, aanbidding en het luisteren en gevormd worden door het Woord en de Geest. Samen in de Naam van Jezus. Daar krijgt het echt betekenis want hier moet ik leren liefhebben die me tegenstaan, leren geven aan wie het in mijn ogen niet verdient, leren ontvangen van wie ik eigenlijk niet weten wil.
Hier vinden nu echt wonderlijke genezingen plaats!

Vanavond lazen we uit 2 Kor. 12, het beroemde hoofdstuk waarin Paulus vertelt over zijn ‘kwelling’, satan die hem met vuisten slaat. Wat het geweest is, daarover bestaan verschillende meningen. Een ziekte? De vervolgingen en het harde, ontmoedigende leven dat hij leidde? Het wordt niet verteld. Wat hij wel zegt is dat God hem er niet vanaf hielp, maar hem duidelijk maakte dat hij het moest doen met wat hij kreeg van God: genade, liefde. Punt. Die zou meer dan genoeg blijken. Met doorn kon God hem beter gebruiken dan zonder. Zwak was hij veel sterker dan als hij ‘genezen’ zou worden.

Onze predikant leidde vanmorgen de begrafenissamenkomst van een vrouw uit onze gemeente. In een half jaar is ze letterlijk weggeteerd aan kanker. Maar haar Godsvertrouwen was onaangetast. De tekst was ps. 63: Uw liefde is beter dan het leven. De schrijver van de psalm is in de woestijn,’een dor en dorstig land’. Daar ontdekt hij dat, daar waar het leven gereduceerd is tot slechts overleven, er een dieper, meer existentieel verlangen is dan alleen maar naar water en brood. En dat verlangen wordt door God gestild. Met die woorden op de lippen stierf Hilda, er was van haar lichaam niet meer over dan een skelet. ‘Uw goedertierenheid is beter dan het leven’ zongen we met elkaar. Ik voelde me getroost en bemoedigd.

Wonderlijke genezingen blijven een uitzondering, slopende ziektes en de dood de pijnlijke realiteit van iedere dag, totdat Jezus terugkomt. Daarom ben ik zo blij dat God’s liefde dieper reikt dan het lichaam en mijn hart geneest van zonde en schuld. En me daardoor ontvankelijk maakt voor Zijn aanwezigheid, Zijn zorg en liefde voor mij.

Ook als ik niet meer genees, door de dood heen. Jezus is het bewijs, Hij is de Enige die van de dood is teruggekomen en Hij belooft ons een plaats bij Hem.

van dingen die niet voorbij gaan

‘Ben jij misschien familie van Loes S.?’ Voor mijn werk had ik veel telefonisch contact met tientallen mensen in heel Nederland en zo kwam ik aan de telefoon nog wel eens oude kennissen tegen of mensen die mij of echtgenoot ergens van (vroeger) kenden. Maar deze vraag was nieuw.

‘Loes was mijn zus’, zei ik voorzichtig. Het bleef even stil aan de andere kant, tot de vrouw me vertelde dat zij Loes goed had leren kennen tijdens een aantal wandelvakanties in Italie. Mijn zus is in 1992 overleden en ik had eigenlijk nooit contact gehad met vrienden of vriendinnen van haar. Dit vond ik heel bijzonder. De laatste jaren van haar leven herinner ik me alleen als uiterst moeizaam en zwaar, maar zowaar, hier sprak iemand die tijdens de laatste jaren nog goed contact had gehad en genoten van haar gezelschap. Dat deed een ander licht op de laatste jaren schijnen.

Toen ik de vriendin later sprak, tijdens een kop koffie in een cafeetje, bleek wel dat de barsten in het leven van Loes ook bij de wandelvriendinnen al wel zichtbaar waren, (woedeuitvallen) maar zonder de rest van haar geschiedenis toch minder ernstig werden ingeschat, leek het.

Ik kreeg ook nog wat foto’s van de zomers ’89 en ’90. Ik herinner me alleen een zeer frequent huilende zus uit die tijd. Veel lange zware gesprekken die nooit echt ergens toe leidden. Maar hier zie ik haar  met bergschoenen en in wandeloutfit door Toscane banjeren.

Loes heeft uiteindelijk een einde aan haar leven gemaakt. Een beslissing die een enorme impact op ons als nabestaanden heeft gehad. Ook de wandelvriendin vertelde hoe geschokt zij was toen ze uit de krant vernam dat Loes gestorven was, een jaar na dato. Vanwege de zwaarte van de relatie had de wandelclub nl. wat afstand genomen, niet beseffende hoe zwaar ziek Loes eigenlijk was. Je kunt niet op vakantie gaan met iemand die in feite psychiatrisch patient is (dit had de wandelclub niet door overigens!) tenzij je daarvoor de kracht en energie hebt. Maar wanneer je zelf die vakantie hard nodig hebt om hebt bij te komen, kun je van niemand verwachten dat te doen. Hoe moeilijk die beslissing soms ook is en hoe je blijft kampen met een gevoel van tekort schieten..

Ik was blij om te zien en horen hoe er in die laatste jaren echt nog lichtpunten waren en vrolijke periodes voor Loes. Je geheugen speelt je parten als er zoiets dramatisch is gebeurd. Daarna kun je je haast niet meer voorstellen dat het ooit anders was. Maar zelfs in de al maar moeilijker wordende periode, was er toch nog Toscane, waren er goeie vrienden, gezelschap, goeie gesprekken. Het bewijst temeer dat suicide geen vrije keuze is, maar voortkomt uit een brein dat door ziekte is aangetast en de werkelijkheid niet meer kan onderscheiden van de waan.

Loes zou nu de respectabele leeftijd van 61 hebben bereikt (10-03-1947). Iemand met veel talenten en een grote intelligentie.

Mijn grote, kattige, bazige en toch heel lieve zus. Ik zal haar altijd blijven missen.

ga alsjeblieft nooit meer skieen..

Mijn buurman ligt aan de hartlongmachine in een Oostenrijks ziekenhuis na een ski ongeluk. Hij ligt daar al 2 weken en is in coma. Z’n vrouw is bij hem, maar hun kindertjes zijn hier bij opa en oma. Ze gingen even een paar dagen er tussenuit…

Ik ben helemaal aangeslagen. We kennen elkaar nog maar 1 jaar maar het zijn zulke hartelijke open mensen dat het lijkt of we elkaar altijd gekend hebben.

Zo’n onvoorstelbaar vreselijk, bizar ongeluk; over de skipiste liep een bevoorradingskabelbaan voor een restaurant boven op de piste waaraan een zwaarbeladen kist hing van 300 kilo zwaar. Hij is er vol tegenaan geklapt omdat de kist te laag hing. Hij is langer dan gemiddeld en heeft zwaar hoofdletsel opgelopen. Onduidelijk is of hij wakker kan worden uit het coma en wat de hersenschade is. Oh wat bid ik dat hij herstellen mag en dat God hem genezen zal.

De skipiste blijkt een levensgevaarlijke plek inmiddels. Alleen in Oostenrijk zijn al meer dan 30 mensen omgekomen tijdens het skieen dit seizoen! Dit  is geen leuke vakantie sport meer.

een cv schrijven is een kunst op zich en de vunzigheid van MTV

Ik ben weer zonder werk en dus is het sollicitatie-seizoen aangebroken. Eerst dus de CV aanpassen naar de actuele situatie. Altijd weer een oefening in de zaken zo omschrijven dat ze interessant zijn voor potentiele werkgevers. Vandaag weer mijn creatieve vermogens losgelaten op de oude CV na een paar tips van de Randstad intercedent. Wat alledaags lijkt in mijn ogen in iets bijzonders veranderen.

Als je weinig concreets te melden hebt op het gebied van opleidingen behalve je middelbare schooldiploma (een eeuw geleden..), een niet afgemaakte studie Duits en een aantal computercursussen, moet je met andere ogen naar je leven gaan kijken. Wie niet sterk is moet slim zijn. Twintig jaar niet gewerkt maar thuis ‘gezeten’ (ha, ha) met de kids, wordt: ’20 jaar gezinsmanagement, coordinatie van vele activiteiten, multi-tasking’.  Predikantsvrouw wordt: ‘achterwacht, telefonische assistentie, gastvrouw, inspringen bij crisis-situaties, organiseren van bijeenkomsten met het oog op onderlinge communicatie (vooral die laatste  vond ik wel goed gevonden van mezelf :))

Gelukkig heb ik inmiddels wel aardig wat werkervaring dus dat scheelt. Dat heeft o.a voor mij als voordeel dat ik ook weet waar ik moet op moet letten bij sollicitatiegesprekken en functieomschrijvingen!

Ik ga voorlopig via uitzendbureaus aan de slag.

A shot of love with Tila Tequila

Terwijl ik m’n weblog schrijf zap ik meestal rond op de TV. Multi-tasking heet dat. Heb ik geleerd in de tijd dat ik een gezin had. Maar goed. Ik kom iedere keer weer tot de conclusie dat er bedroevend weinig leuks of onderhoudends te zien is voor 11 uur ’s avonds. Op dat tijdstip beginnen vaak de interessante documentaires of de betere nieuws programma’s. Vanavond stuitte ik op een programma op MTV met de spannende titel die boven deze blog staat..Ik kon m’n ogen en oren niet geloven. Het was nog geen 9 uur en er wordt me minstens soft-porno voorgeschoteld. Tila is bi en probeert verschillende partners uit, Eerst een op een en vervolgens in zg. triodates. Daar is dan een man en een andere biseksuele vrouw. Je trekt toch de haren uit je hoofd bij een dergelijk programma? Volkomen zonder enige normen, moraal of ethisch bewustzijn. Alles kan, alles mag en we denken dat we er gelukkig van worden.

Toen maar weer door gezapt..

verhuizen is als een bevalling, net zo erg maar ook weer snel vergeten

Van de week heb ik mij weer mogen oefenen in iets wat ik HAAT : verhuizen. Ik bedoel dan niet het vertrekken uit de ene plaats naar een andere, zelfs niet van het ene huis naar het andere. Dat vind ik meestal wel leuk. Nieuwe omgeving,nieuwe mogelijkheden enz.

Wat ik haat, met een diepst mogelijke passie is het proces van verhuizen zelf. Het ontmantelen van een bestaande situatie waarin je je senang voelt, wat ‘thuis’ is en het in stukken en brokken langs me neer zien storten. Zo onderga ik dat tenminste. Er ontstaat een (voor mijn gevoel) complete wanorde waarin ik ook tijdelijk mijn ziel lijk kwijt te raken.

Nu heb ik het over mijn eigen verhuizingen, let wel. Dat zijn er ook een respectabel aantal. Vanaf dat ik getrouwd ben in 1974 wel zo’n 13 keer geloof ik. Maar al tijdens de eerste verhuizing waar ik zelf (met Kim, mijn man)verantwoordelijk voor was bleek ik in een zombie te veranderen.

Ik begin altijd met dappere moed in te pakken en dan ontstaat op een gegeven moment een punt van no-return. Alles is rotzooi, overal alleen nog maar dozen en onbestemde artikelen waarvan geen mens weet wat je ermee moet, maar ja weggooien is ook zo wat(probleem nr.1). Dan liggen er stapels die naar een vuilstort moeten,maar die komt pas op afspraak, volgende week (probleem nr.2). Zakken met inhoud die naar een kringloop moeten maar misschien heeft een zus of vriendin er ook wel wat aan, en het leger des Heils is eigenlijk beter..(probleem nr.3). Dan word ik gek. Hoe kan deze chaos, waarin ik niets meer herken van mijn ‘home’ ooit nog weer veranderen in een normale situatie? Ik raak de weg en de draad kwijt en ben gereduceerd tot een hoopje ellende, voor verhuishandelingen geheel ongeschikt.

Onze eerste verhuizing van in principe 1 grote kamer naar 2 grote kamers en een eigen keuken is uiteindelijk onder Kim’s strakke regie en met zijn geheel oorspronkelijke ideeen voor verpakkingsmateriaal (vuilniszakken voor alles, incl. het servies) gelukt.

Deze week was ik slechts assisterende bij de verhuizing van mijn dochter en schoonzoon.

Ik dacht: ik hoef alleen maar te helpen, niks te organiseren, beetje er zijn voor de kids, kortom ik onderschatte mijn HAAT tegen iedere vorm van verhuizen, of het nu mijn eigen verhuizoing is of die van een ander. Het ging goed tot het bekende moment: het overzicht is weg,  het gevoel dat het geen verschil maakt of je nu nog 1 uur of 24 uur doorgaat, het komt niet en never ooit meer klaar.

Ondertussen zat mijn oudste dochter met een kalmte die ze niet van mij heeft maar van haar grootmoeder Batteau, haar baby voor de 20e keer te voeden. Kris is ook onrustig door alle gedoe om hem heen. Jes ondergaat het gelaten en beurt mij op: ’t komt allemaal wel weer goed hoor!’

Vandaag lekker uitgerust, terwijl Kim was helpen met de echte verhuizing (piano door het raam van de 1e verdieping, ze wonen 1 hoog…) Niet dat Kim die piano getild heeft, overigens. Er waren verhuizers. Gelukkig.

En nu wordt het dus de Veluwe als we hen willen zien. Gisteren zijn we (2 oma’s en Jes met Niek en Kris) vanuit Utrecht even op en neer naar het nieuwe huis geweest, vooral om Niek wat te laten wennen. Hij was er nog niet geweest. Nou, dat ging prima. Hij wilde zo aan het werk. Verfroller gevonden en nam geen genoegen uiteraard met alles wat op afleiding of nepverf leek. ‘Niek wil ook worken’. Dos heeft hem een stukje muur laten meeverven. Lekker buiten gespeeld met z’n fietsje. Ik had het domme idee de tuindeur naar het doorgangetje achterom open te maken. Niek zag z’n kans. Hij wandelde een eindje weg. Keek om, met pretogen van de spanning. ‘Eng he?’ Ja, zei ik, kom maar gauw weer naar de tuin. Maar nee, Niek is niet voor niets ontdekkingsreiziger: ‘Niek gaat weg, daag, oma!’ Een eindje verderop kwam hij op andere gedachten: Oma, kom nou mee! Ik hield vol dat ik geen zin had. Nog een stukje verder- ik hoopte en vermoedde dat het dood liep en ja hoor, gelukkig. Daar kwam hij weer aan gesukkeld. Ik zei tegen Jes dat het me niks zou verbazen wanneer ze regelmatig dit jongetje thuis gebracht gaat krijgen. Hij is totaal niet bang en is heel nieuwgierig.

Nou ja, in Woudenberg zullen ze hem al gauw genoeg herkennen: ‘Dag, moeder van Niek, met de politie, we hebben het mannetje weer gevonden, hij zat nu in de grootste tractor van het dorp en had hem bijna gestart..’

het mocht niet zo zijn

Vandaag dan eindelijk naar de overzichtstentoonstelling van Picasso in het Haags Gemeentemuseum met vriendin Ank. Geen van beiden zijn we echte fans van Picasso, maar een overzichtstentoonstelling is altijd leuk omdat je dan iemand vanaf het begin kunt volgen. Er is vaak een film, uitleg enzovoort. Je groeit daardoor in waardering voor iemands oeuvre. Om 11 u. afgesproken met elkaar.

Het eerst wat ik zag bij het museum aangekomen was een ellenlange rij, die buiten al begon, dat wil zeggen in de regen. Met mijn na 1 minuut buiten in Scheveningen door de wind aan flarden gereten paraplu, had ik daar niet veel trek in. Maar ja, men moet offers brengen voor Kunst met een K. Geduldig schaarde ik mij in de rij. Voetje voor voetje schuifelden we richting de overdekte ingang. Wie het Gemeentemuseum kent, weet dat de kassa nog ver verwijderd is van de ingang. Na een half uur was ik op twee derde afstand van de kassa gekomen.

Ondertussen had mijn ergernis de vorm aangenomen van een zwarte donderwolk, onzichtbaar voor alle mensen om mij heen die vrolijk stonden te babbelen over het prachtige art deco gebouw en die opgewonden, steeds weer nieuwe details ontdekten. Ik kon alleen maar denken: dit hele museum kan me gestolen worden, ze lopen hopeloos achter. Waarom hebben ze niet bedacht dat 2 kassa’s wel een beetje mager is voor zo’n tentoonstelling?

Mijn mobieltje ging: Ank. “Ik zit bij het Museon in het restaurant, daar kun je zo naar binnen, halen we straks als het rustiger wordt wel kaartjes”. Puik idee, hoewel ik mijn, na een half uur schuifelen veroverde plaatsje wel met moeite afstond. Had ik daar nu al dat geduld voor opgebracht? Ik wilde er bijna een kleine vergoeding voor vragen…Maar Ank had gelijk. Eerst maar aan de koffie.

Na 2 koppen koffie, een broodje en veel bijgepraat te hebben, stond er NOG een lange rij. Toen besloten we maar naar het Gem te gaan en de fototentoonstelling te bekijken van de prijswinnaars van de Zilveren Camera. Ook zeer de moeite waard. En we hebben de schilderijen van Richter bekeken. Mij onbekend en zou hem ook niet mijn favoriet willen noemen na bezichtiging. Heel cryptisch, soms dreigend en bij tijden gewelddadig. Wel verschrikkelijk knap.

Picasso is er dus (nog) niet van gekomen. Het zij zo. Moeten ze maar meer kassa’s openen. (Tip voor wie nog wil: ga na 14.00 uur, aanmerkelijk rustiger).  Oh en een pinautomaat in het restaurant van Museon zou ook wel bij de tijd zijn…

gina en charlie houden de wacht

Img_0148

Onze 2 poezen Charlie en Gina als sfinxen op ons bed. De mummie tussen hen in zijn mijn benen…

Img_0212_2

Onze poes Gina in
een schattige slaaphouding:neusje
tussen de pootjes.

 

 

 

 

 

ik mis je

Ik mis je

Ik heb van jou alleen een oude film-
Die van je trouwdag in 1940.
Toen je zo breekbaar jong was
dat het me pijn doet – je lach,
je ogen die zo stralen –
je vergeet de oorlog die pas
met veel geweld is uitgebroken,
jij ziet alleen de toekomst;
die strekt zich eindeloos uit
veel verder dan de jaren
dat jouw land nog zuchten moet.
Jij daalt de stadhuistrap af
aan de arm van je geliefde,
door een haag van zussen,
ouders en je schoonfamilie.
Jij bent in aanzien nu
of het nu oorlog is of vrede

je bent zo jong dat het me pijn doet.

hoezo seksualisering van de samenleving??

Ik zie overal waar ik kom in Den Haag en Utrecht op dit moment reclameborden die me uitnodigen om te gaan fitnessen. Ik dacht dat dit vooral goed was voor m’n conditie, tegen diabetes, hoge bloeddruk, depressies en weet ik wat al niet meer.

Maar opeens blijkt fitnessen goed te zijn, ik citeer ‘voor mijn seksleven’… Nou vraag ik je…

Het moet niet gekker worden, zeg. Mag ik nog iets doen of kopen zonder direct aan seks te hoeven denken? Op de tram wachtend kijk ik al jaren in het wachthokje zwoele mannen en vrouwen in de ogen die dan weer al koffie drinkend zich in allerlei sensuele bochten wringen. Een volgende keer rennen er weer mannen rond, achterna gezeten worden door een horde hitsige vrouwen omdat die kerel zo lekker naar deo ruikt. Dan is er weer een nieuwe lingerielijn M/V uit en sta ik naast levensgrote lichaamsdelen die schamel bedekt zijn…Auto’s, vakanties, ijsjes alles moet ik kopen of ondernemen omdat het zo sexy is. Ik word daar zo moe van! Ik wil koffie die smaakvol is, een borrel omdat ik daar zin in heb, een auto die zuinig rijdt en comfortabel, onderbroeken die lekker zitten (mogen ook wel een beetje mooi zijn..)

Het is gewoon obsessief compulsief denken. Dringen reclamemakers ons dit op of zijn we als maatschappij nou echt gevoelig voor dit soort ranzig puberaal promotiemateriaal? Ik las laatst over een onderzoek aan een universiteit waaruit bleek dat vooral meisjes gevoelig zijn voor het zg. sexy imago van de vrouw wat hen via reclamebeelden bereikt.  Zo hoor je dus te zijn en je te gedragen. En anders ben je niet gewild. Echt eng hoeveel invloed al die beelden hebben. Je verandert daar dus een zelfbeeld mee bij mensen die er gevoelig voor zijn. Het doel van reclame is: mensen zo beinvloeden dat ze een behoeftepatroon krijgen en iets kopen of doen wat jij graag wilt. Het kweken van onnodige behoefte is op zich al dubieus maar dit gaat veel verder nl. met hoe een mens op den duur naar zichzelf gaat kijken. Als alleen maar waardevol wanneer hij sexy en aantrekkelijk is.

En nu begint de fitness er ook al mee. Wie geen seksleven heeft, uit vrije keus, gewild of ongewild heeft dus al gelijk pech.
En ik maar trainen in m’n niet-sexy trainingsbroek en dito t-shirt…

De bekende Engelse auteur CS. Lewis schreef in een van zijn boeken: stel je een maatschappij voor waar mensen in volle zalen zich zitten te vergapen aan iemand die onder de grootst mogelijke spanning een schotel omhoog houdt, bekleed met een doorzichtige doek, die zo langzaam mogelijk verwijdert waarna er een mooie rode biefstuk te voorschijn zou komen…’Ah’s!’ en ‘oh’s!’ alom. Je zou toch denken dat men hier enigzins de weg kwijt was? Zoveel opwinding over vlees? Volledig uit proporties gerukt.

De slimme lezer make zijn/haar eigen toepassing.

Het is grappig als je Lewis leest over seksualisering van de samenleving. Want hij heeft het dan over het Engeland van voor de oorlog!! Het is dus niet iets wat helemaal nieuw is. Rome en andere culturen stonden ook hun mannetje. Volgens mij is bij ons nieuw dat alles zo zichtbaar en publiek is door tijdschriften, reclame en TV.  Je ontkomt er niet aan met jou onwelvallige beelden geconfronteerd te worden. En dus stomp je toch wat af, hoe goed je voornemens ook zijn je niet te laten beinvloeden. De Bijbel zegt: vlucht weg voor het kwaad.  Dat is in onze moderne Westerse maatschappij heel moeilijk!

Ik voeg er voor alle duidelijkheid nog wel aan toe dat het een goeie zaak is om aan je seksleven te werken voor zover je er een hebt.  Niks mis mee.

Maar ik zie me toch niet zo gauw op de fitness mee doen aan de maandagochtend club: Verbeter uw seksleven, begin bij uzelf.

niek is 3 geworden

Niek_3_klein_fietsNiek_3_klein_fiets_openmaken_2 Img_0216Niek was zeer onder de indruk van z’n echte  eerste echte Gazelle’thiets’, hoewel het nog een beetje ‘moeielijk’ was om te fietsen. DeTonka graafmachine viel natuurlijk in goeie aarde (ha,ha). 

Img_0224_24_meiden_en_een_ventjeNiek heeft verder z’n 3e verjaardag gevierd met een bijna geheel vrouwelijk gezelschap: 3 tantes, 2 oma’s en z’n mamma. Gelukkig was opa Charlie er ook! Oh en broer Kris natuurlijk.

Img_0223En toen was het geduldig wachten op de taart.
En op Pappa die in het lege huis in Woudenberg op hout zat te wachten..