Kunst Junushof Wageningen

Leuke expositie en extra trots. Vriendin Ans Wouters toont 10 schilderijen in het theatercafé van de Junushof in Wageningen. Vandaag waren we bij de opening. Op deze site staan haar schilderijen.

In het schilderij rechts, gemaakt nav een vakantie in IJsland, zit as verwerkt.

Taalmaatje en de vrede van open kerken

Mijn Taalmaatje is verdrietig. Er wordt over haar geroddeld. En hoe kan ze zich ertegen verzetten? Tegen roddel is geen mens bestand. Met trieste ogen zit ze een beetje in elkaar gezakt in haar stoel. De kleine S., dochtertje van 5 maanden, zit vrolijk in haar wandelwagen en trekt de aandacht van mamma. Even trekt er een lach over haar gezicht. Zullen we naar buiten, vraag ik. Ik kan het probleem ook niet oplossen. Ik heb nog voorgesteld om naar de vervelende buurvrouw te gaan om haar te vragen wat er is. (ik, held in conflicthantering haha..voor een ander is het altijd makkelijker, immers?). Maar dat moest absoluut niet.

Buiten praten we nog wat verder. Ik probeer van de nood een deugd te maken en leg haar het Nederlandse spreekwoord ‘Zoals de waard is vertrouwt hij zijn gasten’ uit te leggen, maar dat is nog een brug te ver. Zij probeert mij uit te leggen waarom ze het aldoor heeft over iemands ogen eruit trekken. Dat blijkt weer een Roemeens spreekwoord te zijn. Zusterlijk leggen we ons neer bij de raadsels van onze talen. We gaan naar de kerk. N. wil graag dicht bij God zijn, dan wordt ze weer rustig.

In de kerk daalt de rust op haar neer. Het is er zo stil en vredig. De tranen komen, en dat geeft niet. Ze brandt een kaars, bidt en staat een poos stil bij het Christusbeeld.

Ik voel ook de frustratie uit me weg trekken. Ik kan dit niet voor haar oplossen. Ik ben maar haar taalmaatje. Ik kan het wel net als zij achter laten bij God en bidden dat de buurvrouw het haar niet moeilijker maakt dan ze het al heeft.

Waarom zijn de protestantse kerken toch altijd potdicht en de katholieke niet?

Veertigdagen – De kracht van persoonlijke brieven

Dietrich Bonhoeffer 1901-1945.

Achttien maanden (vanaf juli 1943) heeft hij gevangen gezeten in een Berlijnse gevangenis, op verdenking van betrokkenheid bij een samenzwering tegen Hitler en vanwege zijn verzet in preken en schrijven tegen de Nazi overheersing van de kerk. Bonhoeffer is theoloog en voorganger. De protestantse kerken worden gedwongen te fuseren en verandert in de jaren dertig steeds meer in een karikatuur. Het Oude Testament wordt losgelaten, het Nieuwe Testament gezuiverd van het ‘zwakke gepreek van rabbi Paulus, die het maar heeft over zonde en schuld en genade’. Nazi protestanten hebben het liever over kracht, overwinning en vitaliteit. De kerk is Duits, één, Germaans.

Mensen als Karl Barth, Martin Niemöller en Bonhoeffer sluiten zich aan bij de ondergrondse Bekennende Kirche, die zich bewust uitspreekt tegen wat ze als onbijbels en dwaalleer ziet in de zg. ‘Duitse Kerk’: de kerk is van  de gekruisigde Jezus Christus. Bonhoeffer sluit zich ook aan bij het actieve verzet, dat in de loop van de oorlog meerdere malen poogt Hitler om het leven te brengen.

Barth wordt als Zwitsers staatsburger het land uitgezet, Martin Niemöller wordt in ’37 gevangen genomen en meerdere leidende figuren eindigen in kampen en gevangenissen. Ook Bonhoeffer in 1943. Vanuit zijn cel schrijft en ontvangt hij 18 maanden lang brieven naar en van vrienden, ouders en zijn verloofde Maria. Over zijn leven van dag tot dag in opsluiting. Wat het met hem doet; over praktische zaken (haal je mijn was op? Breng je dit of dat boek mee voor me? Dank je wel voor het eten, de bloemen, de schone pyjama) en diepe gedachten over geloof, theologie en de bijbel.

Ontroerend zoals hij diep verlangend schrijft over de mooie zomerdagen die hij weer hoopt mee te mogen maken in het zomerhuis van zijn ouders, over zijn gemis aan menselijk contact, zijn geestelijke strijd om niet toe te geven aan ontmoediging en bitterheid. Soms humoristisch, soms verwarrend, vooral de theologische gedachtespinsels, die ik vaak moeilijk te volgen vind. Maar altijd weer boeiend. Daar zit die man, anderhalf jaar lang, iedere dag opnieuw vullend met lezen, schrijven en studeren. Wat een discipline! Wat een geduld ook. Inspirerend.

En dan na al die maanden hoop, het einde. Er wordt nieuw bewijs gevonden tegen hem. 17 januari schrijft hij nog een brief aan zijn ouders, de laatste brief. Hij weet dan zelf nog niet wat er staat te gebeuren. Hij is overgebracht naar een Gestapo-gevangenis met veel minder privileges. Op 9 april wordt hij uiteindelijk, samen met vele  anderen, in concentratiekamp Flossenbürg (in Bavaria, tegen de Tsjechische grens aan), opgehangen, 44 jaar oud. Krap 2 weken voor de bevrijding door de Amerikanen.

De feiten wist ik zo ongeveer, maar die krijgen een andere meer persoonlijke lading, nu ik al die brieven gelezen heb. Tragisch. Maar wat droeg Bonhoeffer die gevangenschap waardig en met Geestkracht. Tot het einde ongebroken (niet onaangevochten!) omdat hij onvoorwaardelijk vertrouwt op Gods leiding in zijn leven.

In een van de brieven aan Maria zijn verloofde schrijft hij (ik heb een engelse vertaling gelezen): “Stifter once said ‘Pain is a holy angel, who shows treasures to men which otherwise remain forever hidden; through him men have become greater than through all joys of the world.’ It must be so and I tell this to myself in my present condition over and over again – the pain of longing —must be there and we shall not and need not talk it away. But it needs to be overcome every time, and thus there is an even holier angel than the one of pain, that is the one of joy in God (21 nov. 1943)

Aanbevolen.

Taalmaatje

Ik ben in mijn woonplaats als vrijwilliger begonnen als Taalmaatje. Een paar uur in de week is het de bedoeling dat ik Nederlands oefen met mijn maatje, een Roemeense vrouw. Vrij jong, sinds een jaar of drie in Nederland en getrouwd met een Nederlander. Door omstandigheden is ze wat geïsoleerd geraakt en door het contact met een vrijwilliger moet haar Nederlands beter worden en moet ik haar ook wat helpen thuisraken in onze woonplaats. Aangezien het laatste voor mij net zo goed geldt kan ik het samen met haar doen.

Ik vind het leuk.  We hebben elkaar nu een paar keer ontmoet en het klikt. N. spreekt genoeg Nederlands om al een redelijk gesprek te voeren en als we er niet uitkomen is er nog het Engels. Ze is heel gemotiveerd en vindt het vooral ook heel gezellig om contact te hebben. Ze vindt de Nederlanders maar koude kikkers. Niemand zegt wat, niemand vraagt haar op de koffie, behalve één buurvrouw, maar die is geen Nederlandse. In Roemenië ga je in je pyjama koffiedrinken bij je buren, zo gezellig, maar hier…

Tja, het valt niet mee inderdaad. Zelf ben ik ook nog niet verder dan de voordeur geweest van mijn naaste buren. Nee, correctie, bij één buurvrouw hebben we een borreltje gedronken en tijdens de ijs periode heeft ze chocolademelk bij ons gedronken. Maar verder is het erg moeilijk om buren tegen te komen. Ik heb een uitnodiging voor een nieuwjaarsborrel rondgestuurd, maar helaas,,,verhinderd.

Vorige week ben ik met N. gaan wandelen naar het stadje. Met haar baby in de wagen. Voor het eerst dat ze de wandelwagen gebruikte. Veel lopen doet N. niet, maar samen was het wel goed. Of ik een kerk wist waar ze heen kon gaan? Ze miste dat zo. Misschien wel heel slecht geïnformeerd, maar ik vroeg me af of de katholieke kerk niet erg lijkt op de orthodoxe kerk waar ze lid van was in Roemenië. Ze wist het niet, volgens haar maakte het niet zoveel uit. Welaan, dan gaan we toch daar heen?
De Nicolaasbasiliek in IJsselstein is gelukkig overdag altijd open. We hebben allebei een kaarsje gebrand, zij voor haar familie, ik voor de mijne.

Veertigdagen (6) – Johannes de Doper

Bent u het echt?

Ik was een late vrucht van liefde
van hoogbejaarde ouders
een enig kind –
mijn levensdoel: de God die zij
vereerden voor het wonder –
dat was ik.

Ik leefde in het stof van de woestijn om
me te wijden aan wat ik worden zou,
een soort heraut  –
Ik gaf niet veel om kleding en om wat ik at,
wat honing, heilzaam, zoet en hier en daar
een sprinkhaan

Toen  leek de tijd gekomen,
het gonsde van geruchten –
de mensen leken overspoeld
door een vloed van spijt en schuld.
Ik moest ze dopen en vergeven
in de naam van hem die komen zou
en al onder ons bleek rond te lopen

Toen zag ik Hem, mijn neef, mijn leven.
Ik was zo blij hem eindelijk te zien
tussen die massa mensen.
Ik had zo lang gewacht
en nu stond hij hier,
pal voor mijn neus en
moest ik hem dopen!

Lachwekkend, waar moest hij, dat lam
dan voor vergeven worden?
Ik deed maar wat hij zei, hij zou het wel weten –
en de hemel lachte,
vrede, vrede

Nu ging het dan beginnen
al die lange jaren van bezetting en vernedering
voorbij, de vrijheid gloorde voor ons volk-
Zie hier de lang verwachte Koning!

Maar na een jaar of zo knaagde
de twijfel, ik merkte niets
van overwinning –
wat deed hij nu behalve praten?

Ik zit in de gevangenis, alleen,
ik heb Herodes op zijn kop gegeven.
Maar het duurt vast niet lang
ik reken op de daadkracht van
mijn neef, Israëls nieuwe Koning –

Nu hoor ik net dat prinses Salomé,
de dochter van Herodes,
mijn hoofd eist op een blaadje

Ik snap er niets meer van, waar is nu Jezus,
Hij  kwam ons toch bevrijden?
Nu  zit ik hier van God en mens verlaten
in een donkere cel te wachten op mijn dood –

ik hoor de beulen komen

Veertig dagen en notities bij het vasten (5)

Van vasten kan ik niet langer spreken.  Ik vond het woord vanaf het begin al wat pretentieus, maar uit de moeite die het nalaten van koffiedrinken en het wijntje bij het eten me opleverde bleek toch wel iets van het ‘offer’…. Puntje om bij stil te staan 🙂

Het lukte me niet om het vol te houden. Ik ben zo gewend geraakt aan een bepaalde routine dat ik het niet voor elkaar kreeg (door andere bijzondere omstandigheden) die op te geven.

Jesaja 58 gaf me een ander perspectief, aanvankelijk al genoemd door mijn schoondochter, het doen van ‘goede daden’.

“Is dit niet het ware vasten: Bevrijdt u van het kwaad, hou op uw arbeiders uit te buiten, behandel hen eerlijk….deel uw voedsel met de hongerigen, ontvang hulpelozen, armen en ontheemden in uw huis, geef kleren aan wie het koud hebben en verberg u niet voor familieleden die hulp nodig hebben” (naar Het Boek)

Minder tv kijken, minder facebooken bevalt overigens goed. Dat is geen vasten meer te noemen, eerder een opluchting. Ik hou zeeën tijd over om andere dingen te doen. Me toeleggen op het Betere Boek is bij tijden lastig, als ik een Escape boek in handen krijg…Ik weet, als ik erin begin ben ik voorlopig ‘weg’.

Maar het lezen van Bonhoeffer (Verzet en overgave, in het Engels) en Tim Keller (Generous Justice) is bepaald geen straf! De brieven van B., geschreven vanuit de gevangenis tijdens WO II zijn ongelofelijk boeiend. Iemand die jaren (1942-1944) in een cel zit en brieven schrijft, hopend op vrijlating, hopend op hereniging met familie, verloofde en vrienden. Uiteindelijk wordt hij ter dood veroordeeld wegens samenwerking aan een complot om Hitler te doden. In zijn brieven verwoordt hij hoe hij worstelt om meester te blijven over zijn leven en tijd, ondanks zijn ellendige omstandigheden. Hij bereikt, na veel moeite, een innerlijke vrijheid. Een mooi citaat:

“Desires to which we cling closely can easily prevent us from being who we ought to be and can be; and on the other hand desires repeatedly mastered in the light of present duty make us richer; lack of desire is poverty” (verlangens waar we ons aan vastklampen kunnen in de weg staan van wie we horen te zijn en ook kunnen zijn; en verlangens die we steeds weer behersen kunnen met het oog op plichten in het nu, verrijken ons; zónder verlangens zijn we arme mensen)

Generous Justice van Tim Keller (uitg.Dutton) moet iedereen eigenlijk lezen die vanuit de bijbel argumenten zoekt waarom wij als mensen elkaar hulp, steun en gerechtigheid (het goede, juiste doen) verschuldigd zijn. Geen liefdadigheid, niets geen zielige sloebers een beetje helpen. We zijn het verplicht, omdat God zich vereenzelvigt met hen. Rijk en arm zijn gelijk in Gods ogen. We hebben allemaal verlossing nodig van zonden en dat schenkt Hij, onverdiend. Dat noemt iemand ‘scandalous’ justice.(gerechtigheid van God die nergens op gegrond is  = Genade)

Armen lopen veel meer kans op uitbuiting dan de ‘rijken’. Zij hebben vaak niet de middelen om zich te beschermen tegen een slechte behandeling. Daarom hebben ze extra bescherming en steun nodig, zegt God zelf in de bijbel.

Het kwartet van de kwetsbaren in de bijbel: weduwen, wezen,(toen per definitie maatschappelijke outcasts) armen en de vreemdeling (!). In onze tijd uit te breiden met de bijstandsmoeder, de asielzoeker, de Oost-Europeanen, de werkeloze, mensen in de schuldsanering, de lichamelijk en geestelijk gehandicapten, enzovoort. Het gaat er niet in de eerste plaats om, denk ik, dat de overheid dat allemaal op zich met nemen. Maar als God zich de God van weduwen en wezen noemt, mogen wij als gelovigen niet achter blijven.

Ik raak door zulke boeken enthousiast en laat me makkelijk meevoeren. Het zet me echt in vuur en vlam. Ik heb inmiddels wel geleerd dat ik op mijn eigen kleine plekje met mijn eigen kleine kracht een paar kleine dingetjes kan doen. Maar genoeg. Het gaat om de intentie en de richting van wat je doet. Het penningske van de weduwe, zullen we maar zeggen.

De oude stad – ode aan hen voor wie het verleden vervaagt

De oude stad

We dwalen door de straten
van de oude stad
met overal de schatten van
een rijk verleden

Ik weet de naam niet meer
maar dat maakt nu niets uit
want ik zie links en rechts
honderd dingen die ik ken

Die gevel daar, die kerk,
die torenspits en kijk,
dat wapen daar met leeuw en kroon
en hier een muur met bloementegels
uit lang vervlogen tijd –
was het de jaren dertig?

Ik ben verrukt, in deze vreemde
oude stad, waar ik de naam
niet meer van weet
en heg noch steg.
Ik ben weer even thuis

Jaarlijkse testjes

Eenmaal per jaar ga je als diabetespatiënt even door de molen. Extra bloed- en urinetestjes, een bezoek bij de arts in plaats van de verpleegkundige of assistente. Vanmorgen ter voorbereiding nuchter bloed prikken. Netjes in mijn telefoon gezet, die rinkelt ter herinnering. Ik blijf het een crime vinden als NIET ochtendmens vroeg op te moeten staan, en tot overmaat van ramp ook nog zonder eten de deur uit te moeten.

Bij de bloedprikpersoon was ik direct aan de beurt, wat ook wel eens anders is. Maar bij haar vragende blik voel ik mij onrustig worden, er was iets wat ik mee had moeten nemen.

Natuurlijk het formulier! En nu de grijze cellen toch zijn opgeschrikt en beginnen te bewegen, het potje urine!

Terug naar huis. Grom, grom. Het potje urine blijkt voor mijn ochtendmodus een immense uitdaging. Het is namelijk niet zomaar een jampot waar je met enige moeite nog redelijk in kunt richten. Het is een minuscuul potje, met instructies die een heldere geest en een uitgeslapen hoofd vereisen, het liefst met ontbijt ondersteund. Mijn nuchtere hersenen protesteren. Ik moet heel veel doen alvorens ik  de gewenste plas mag trachten op te vangen. Ik bespaar jullie de details maar ik ben ervan overtuigd dat de instructies niet zijn uitgeprobeerd door degene die ze bedacht heeft en zeker niet met een nuchtere maag om 8 uur ’s ochtends. De drie seconden dat ik ze probeer op te volgen hebben als resultaat dat het vocht overal heenstroomt, behalve ….juist.

Na 10 minuten gerommel ben ik eindelijk klaar en weer onderweg.

Mijn kopje koffie met ontbijt eenmaal weer thuis smaakt wel bijzonder lekker.

Kaartjes te koop voor de Mattheüs Passion in Utrecht

Voor 17 maart heb ik 2 kaartjes in de aanbieding  voor een uitvoering van de Matthäus Passion in de Jacobikerk in Utrecht, onder de bezielende leiding van Patrick Pranger. Ze kosten 30 euro per stuk. Grijp je kans!

Hier kun je alle details bekijken

 

 

 

 

 

 

 

Neem even contact op via de mail:

margreet.batteau@gmail.com

Tinker, tailor, soldier, spy

Gezien: Tinker, tailor, soldier, spy.
Regisseur: Tomas Alfredson

Gezien, een paar weken terug: Een verfilming van de spionage thriller van John le Carré: Een Brits spionagedrama dat zich afspeelt ten tijde van de Koude Oorlog in de jaren zeventig van de vorige eeuw. M16, de Britse geheime dienst is actief bezig in de Oostbloklanden met het verzamelen van informatie over allerlei militaire geheimen. Er zijn spionnen, dubbelspionnen en er is een verrader in het spel. Wie van de vijf top spionnen die de directie vormen van M16 is de verrader? Eén van hen, Smiley (Gary Oldman) die (vanwege een mislukte missie in Hongarije) buiten spel wordt gezet krijgt in het geheim van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken de opdracht uit te zoeken wie de mol is.

Ik ben helemaal niet zo’n spionagethriller fan, maar omdat we een aantal goeie recensies hadden gelezen zijn we er toch heen gegaan. Geen teleurstelling. In tegendeel, het bleek een fantastisch mooi gemaakte, gespeelde en geredigeerde film.

Regisseur Tomas Alfredson zegt:
‘With Tinker Tailor Soldier Spy, I think we’ve made a film about loyalty and ideals, values that are extremely relevant – perhaps mostly because they are so rare these days?’

Prachtig authentiek jaren ’70 decor, zeer consequent doorgevoerd. Warme, bruine gloedvolle beelden,mooi camerawerk. De telex, de draaischijftelefoons, het postliftje, de details kloppen allemaal.

Tot het einde toe spannend, wie is wie en wie deed wat en wie is de verrader?